Stemmen

Niet dat ik verwachtte dat kiezers zich onheus zouden gedragen, maar toch. Op 12 september werkte ik een hele dag op een stembureau in een buurt met afwisselend laagbouw en flats uit de jaren 60 in een middelgrote stad. Dat heeft een onverwacht feel good gevoel nagelaten. In het stembureau passeerde een gestage stroom kiezers, van ’s ochtends 07:30u tot sluitingstijd 21:00u. Zij deden zonder een onvertogen woord hun burgerplicht. En ik was ervan onder de indruk. Is het zover gekomen in Nederland, dat je geïmponeerd bent omdat mensen gewoon gebruik maken van hun stemrecht zonder kwaad hun gemoed te luchten? Of ben ik een sentimentele politiek/maatschappelijk betrokkene geworden?

Ik zag een bonte stoet kiezers. ’s Ochtends vroeg mensen die voor het werk nog even snel kwamen stemmen en daarna veel ouderen. Begin van de avond relatief veel jonge ouders met kleintjes aan de hand en jongeren van rond de twintig. Daartussenin ‘iedereen’ daartussenin. Vrouwen, mannen, mensen van verschillende herkomst, met en zonder (zichtbare) beperking, Engelssprekenden die voor het eerst in Nederland stemden, etc. Ze boeiden me. De oude, bijna blinde man met een grote loep, een stewardess in bedrijfskleding met een dranklucht om zich heen, werklieden in overall, deftige dames en heren, een oudere man met een (vermoedelijk) uit het Verre Oosten ‘gehaalde’ of daar ontmoete vrouw, jonge zelfbewuste vrouwen en mannen, stellen, wat verwarde mensen. Iedereen wachtte geduldig en in goede stemming op z’n beurt. Geen korte lontjes, geen onvrede over ‘zakkenvullers’, ‘buitenlanders’ of ‘uitkeringstrekkers’, geen hufterigheid. Toch moeten ook onder hen mensen zijn die hun baan verloren of dreigen te verliezen, die schulden of andere zorgen hebben, die redelijk gelukkig zijn maar vinden dat het met de maatschappij de verkeerde kant is opgegaan. Kan het zijn dat ik vroeger de revolutie predikte en nu blij ben dat onze democratie functioneert, dat zoveel mensen meedoen en dat zij elkaar niet naar het leven staan? Ja, het moet aan mij liggen, de schrijftafeljournalist die nooit undercover straatcoach was of loketambtenaar en toch niet wereldvreemd is. Maar mooi was ’t.