Hoe diversiteitsproof is het sociaalindividualisme?

Waterstof – maart 2011

De linkse denktank Waterland zoekt naar een herijking van klassieke idealen als vrijheid, gelijkheid en solidariteit en een nieuw evenwicht tussen individualisme en gemeenschapsvorming. Hij schaarde zich onder andere achter het progressief vrijzinnig perspectief van sociaalindividualisme. Hoe verhoudt dit sociaalindividualisme zich tot meer collectieve of collectivistische culturen? Hoe diversiteitsproof is het vrijzinnige gedachtegoed? En hoe wordt er vanaf de oever tegen aangekeken? Ik vraag Halleh Ghorashi, bijzonder hoogleraar Management van Diversiteit en Integratie aan de Vrije Universiteit, naar haar mening.

Mijn vraag logenstraft haar mening dat links, dus ook de progressief vrijzinnigen, soms zo arrogant en van zichzelf overtuigd is, dat zij onvoldoende communiceert met anderen. Dat is dus positief. Van een balans tussen individualisme en collectivisme is volgens haar in Nederland (de westerse cultuur) echter geen sprake. Individualisme vat zij, naar de Poolse socioloog Zygmunt Bauman, op als de situatie waarin het individu autonomie claimt ten opzichte van het collectief. Halleh Ghorashi: ‘Het moment dat het individu dat kan doen, markeert het begin van de moderniteit. Dat individualisme is nu verabsoluteerd. Tegenwoordig ontbreekt in Nederland het verband met het collectief belang vaak.’ Zij vindt dat voor het samenleven van mensen meer verbinding tussen individu en het collectief nodig is. ‘Met ‘leven en laten leven’ vorm je geen gemeenschap. Individuen die hun functie als burgers serieus nemen, moeten hun sociale rol formuleren. Om te werken aan een gezamenlijke toekomst en gemeenschappelijke doelen te formuleren, moeten mensen steeds bespiegelen, over zichzelf én anderen. De vrijheid van het individu is een universele waarde, maar een gemeenschap vorm je pas door verbindingen tussen mensen.’

Wat haar betreft zou links, of de politiek in het algemeen, perspectief moeten bieden op inclusieve gemeenschapsvorming. Daarin mogen culturele waarden en tradities als het progressief vrijzinnig denken in Nederland centraal staan. Ghorashi: ‘Mensen moeten een houvast hebben, niet alles is vloeibaar en in beweging. Als we maar niet doen alsof onze waarden en tradities de enig ware zijn. We moeten ruimte scheppen voor elkaar en dus ook bezig zijn met de vrijheid van anderen. Diversiteit moet je eerst (h)erkennen voordat je ruimte voor anderen kunt maken.’

Open minded discussiëren dus. Als het over autonomie gaat, zijn cultuurverschillen niet zo relevant, vindt Halleh Ghorashi. ‘Mensen willen hun ontwikkeling zelf in de hand hebben. Zij moeten in staat zijn hun autonomie op te eisen, uit welke cultuur ze ook afkomstig zijn. Het onderscheid tussen individualistische of collectivistische culturen is wat mij betreft te essentialistisch. Het is ook niet zo dat iedereen uit een meer collectieve cultuur collectivistisch is ingesteld en iedereen uit de Nederlandse cultuur individualistisch. Dat is groepsdenken, denken in categorieën. Hoewel niet altijd en overal even zichtbaar, kent elke cultuur of religie collectieve druk. Belangrijker is dat armere groepen doorgaans niet beschikken over de condities en middelen die nodig zijn voor bijvoorbeeld zelfontplooiing. Dus hebben ze elkaar meer nodig en heerst er een groepscultuur. De vraag die links zou moeten beantwoorden is wat nodig is om het individuen mogelijk te maken zich op eigen wijze te ontwikkelen. Links moet aan die condities werken.’

Mijn vraag is, wat Ghorashi betreft, dus niet goed gesteld. Het verschil tussen individualistisch of collectivistisch doet er minder toe dan, bijvoorbeeld, klassenverschil. Wordt vervolgd.