Vriendenhuizen hebben hoge tolerantiegrens

Vriendenhuizen bewegen mensen met ernstige psychische en/of sociale problemen tot actie en zelfbeheer.in: Zorg+Welzijn dec 2016

‘Dagbesteding is voor mij de basis van herstel,’ zegt Renald. Hij kwam twee jaar geleden als cliëntbewoner in Vriendenhuis Obdam, werd er slaapwacht en is nu beheerder in de nieuwste locatie van Vriend GGZ, in Lisse. Op Open Monumentendag 2016 houdt Vriendenhuis Lisse Open huis. Rond 300 mensen bezoeken het voormalige klooster, nieuwsgierig naar hun bijzondere dorpsgenoten. Buren maakten al eerder kennis, toen bewoners van het Vriendenhuis hun auto wasten en hielpen bij een verhuizing.

Vriend GGZ, de organisatie die in 2010 met Vriendenhuizen begon, wil mensen met chronische psychische en/of sociale problemen bewegen tot actie en zelfbeheer. Bewoners, in Vriendenhuizen gasten genoemd, runnen samen een huishouden. Persoonlijke ondersteuning komt zoveel mogelijk van bewoners zelf en hulpvragen kunnen heel divers zijn. ‘Wij bieden wat nodig is,’ vertelt Robert Borsje, een van de oprichters van Vriend GGZ. ‘Medegasten kunnen meegaan naar een keuringsarts, woningcorporatie of psychiater, de begeleider kan bemiddelen naar taalles. De vraag van klanten is leidend.’ Schuldhulpverlening biedt Vriend GGZ niet en behandeling ook niet.

In elk huis is één betaalde begeleider, zelf ook ervaringsdeskundige, die met bewoners een begeleidingsplan opstelt. De begeleider kent de sociale kaart van de omgeving en legt contacten met bijvoorbeeld behandelaars, RIBW en dagbesteding. Behalve voor gasten, staan Vriendenhuizen open voor inloop, vrijwilligers, buurtbewoners en stagiaires.

Er zijn nu acht Vriendenhuizen in Nederland, onder andere in Arnhem, Den Helder, Groningen en Enschede. In drie gemeenten levert Vriend GGZ tevens 24-uurs thuisbegeleiding.

Rolwisseling

Onderdak in Vriendenhuizen is in principe tijdelijk, maar in de praktijk soms zolang als nodig is. Zoals bij Renald (62). ‘Ik kwam jaren geleden in de WAO. Ik was overspannen en werd niet beter. Ik had iedere vorm van therapie, tot shocktherapie aan toe, zonder een diagnose. Uiteindelijk stelde de Ggz borderline vast. Toen ik een vierde zelfmoordpoging deed, was voor mijn vrouw de maat vol. Na een crisisopname en verblijf in een zorghotel kwam ik in Vriendenhuis Obdam.’

Naast maaltijden, een bed en begeleiding bieden Vriendenhuizen werkgelegenheid. Als voorbereiding op maatschappelijke participatie kunnen bewoners werken als gastvrouw/heer, in de keuken of het management. Ook kunnen zij als assistent-begeleider aan de slag. Mensen die in staat zijn voldoende afstand te nemen van hun eigen problematiek, volgen daartoe een interne cursus. Rolwisseling en zelfverzorging zijn volgens Vriend GGZ manieren om weer aansluiting te krijgen bij het dagelijks leven.

Renald klom op van bewoner tot beheerder. Voor zijn huidige rol krijgt hij kost en inwoning in Lisse. Én perspectief, voegt hij toe. ‘In de reguliere zorg ziet men je als patiënt, je werkt er aan wat je níet kunt. Het Vriendenhuis kijkt naar wat je wél kunt en hoe je naar vermogen kunt bijdragen. Als je wat kunt, moet je dat ook doen, vind ik. Van daaruit kun je bouwen.’ Renald hoopt ooit weer bij zijn vrouw en kinderen te kunnen wonen.

Lastigen

Vriend GGZ wil ook de moeilijkste mensen mee laten doen in de samenleving, met het Vriendenhuis als tussenstop. Daarom kan iedereen er aankloppen. Robert Borsje: ‘Ook lastige mensen die overal worden doorverwezen of weggestuurd.’ Als voorbeeld van een moeilijk mens noemt hij een verslaafde man in rolstoel die een suïcidepoging deed. ‘Zelfs het Leger des Heils wist geen raad met hem. Hij kwam in een van onze Vriendenhuizen en gedroeg zich onmogelijk. Hij solliciteerde naar weggestuurd worden, maar na twee jaar zat hij toch in de herstelstand. De woningcorporatie bood hem een flat aan, op voorwaarde dat hij thuisbegeleiding van Vriend GGZ accepteerde. De huurovereenkomst stond het eerste jaar op onze naam. Wij hadden geregeld regieberaad, totdat de familie de zorg overnam. Na een jaar werd de man zelf officieel huurder. Werk lukt in zijn geval niet, maar hij is terug in de samenleving.’

Financiering

De combinatie van (zelf)zorg en werk in Vriendenhuizen, vraagsturing, integrale werkwijze en onderlinge ondersteuning zijn innoverend te noemen. De bekostiging van zorg en participatie blijft achter bij dergelijke vernieuwingen. Bewoners van Vriendenhuizen betalen €20 per dag voor maaltijd en bed. Voor de zorg, begeleiding en activiteiten vraagt Vriend GGZ vergoedingen aan. Robert Borsje: ‘Onze diensten en  de financiering schuren. De politiek wil een integrale aanpak, maar de Wmo deelt cliënten op in stukjes. Beschermd wonen en begeleiding zijn verschillende producten, met andere productcodes. Voor kortdurende respijtzorg is geen enkele passende financiering. Vriend GGZ heeft in het hele land te maken met 55 gemeenten, die samen enkele duizenden codes hanteren. Voor ons betekenen aanvragen en verantwoorden zo een enorme administratieve belasting. Wij zouden het liefst met een cliëntvolgend budget werken.’

ISD Bollenstreek, de Intergemeentelijke Sociale Dienst die namens vijf gemeenten onder andere de Wmo uitvoert, komt aanbieders als Vriend GGZ tegemoet. ‘Bij de overgang van AWBZ naar Wmo hebben we het administratief proces vereenvoudigd,’ legt beleidsmedewerker Mirthe Doek uit. ‘Begeleiding heeft nog maar twee producten: óf individu regulier/gespecialiseerd óf groep regulier/gespecialiseerd. Dagbesteding Ggz valt onder de laatste. ISD Bollenstreek en gemeenten onderzoeken momenteel hoe we zorg en participatie meer integraal kunnen benaderen en bekostigen.’

Mirthe Doek begrijpt de wens van een persoonsvolgend budget. ‘Verschillende gemeenten experimenteren er al mee, met steun van staatssecretaris Martin van Rijn. Probleem bij de uitvoering is het trekkingsrecht dat via de Sociale Verzekeringsbank loopt.’

Voorbeeld volgen

Tijdens ons gesprek staat Renald verschillende keren op om ergens in het pand (figuurlijke) brandjes te blussen. ‘Je hebt in het Vriendenhuis met heel verschillende mensen te maken. De een heeft een psychiatrische aandoening, de ander is verslaafd of zelfs crimineel. De levensverhalen zijn ernstig. Ik heb in een ander Vriendenhuis meegemaakt dat iemand een einde aan zijn leven maakte, maar ook dat mensen groeiden en beter werden. Door de combinatie van de juiste behandeling, medicatie en woonomgeving. Het is aan de mensen zelf of ze naar therapie gaan, hun medicijnen slikken en gebruik maken van wat het Vriendenhuis hen te bieden heeft. Structuur en op tijd uit bed komen zijn belangrijk, maar niet alle mensen laten zich inpassen in de samenleving. Ik praat veel met bewoners, over wat míj geholpen heeft. Ik laat zien wat er mogelijk is. Gasten moeten het voorbeeld dat je geeft wel aannemen en er wat mee doen, anders gebeurt er niets.’

www.vriendggz.nl