Henry Meijdam: ‘Geen nieuwe overloop zonder balans tussen wonen en werken.’

NH – 2003

Een motto heeft het streekplan nog niet. De bestuurders van het nieuwe college van GS hebben het op het moment van schrijven zelfs nog niet geaccordeerd. Het past bij de ruimte die GS de regio wil geven bij het vaststellen en uitvoeren van het Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord. Tot in het laatste stadium van de beleidsvorming wordt interactief gewerkt. Niets ligt nog vast. Maar als het aan gedeputeerde ruimtelijke ordening Henry Meijdam ligt, staan het herstel van de woon/werkbalans en de bereikbaarheid van het Noorden centraal. Rigide verboden komen er alleen waar bijzondere cultuurhistorie, natuur en landschap in het geding zijn. “Waardevolle dingen moet je niet aantasten.”

‘Ontwikkelen met kwaliteit’ heet het Ontwikkelingsbeeld. Welke kwaliteit heeft dit conceptplan dat het vigerende streekplan niet heeft?
“Er is meer samenhang tussen de functies. In het verleden gingen we vooral sectoraal te werk: iedereen moest z’n programma kwijt en zocht daarvoor een plekje in het streekplan. Nu zeggen we: als mensen ergens gaan wonen, moeten er ook plekken zijn waar ze kunnen recreëren en er moeten banen zijn. Deze aanpak leidt tot meer kwaliteit én tot een grotere uitvoerbaarheid.

U wilt in de regio alleen bouwen voor de eigen bevolking, kunnen bemiddelden uit de randstad geen villa in het groen kopen?
De nieuwe huisvestingswet staat niet toe mensen het wonen op een bepaalde plek te verbieden. Wat het thema wonen betreft is ons oogmerk wel vooral de eigen behoefte op te vangen.

Hoe garandeer je dat er beweging in de woningmarkt komt, dat het mooie wonen in het groen betaalbaar is voor (een deel van) de lokale bevolking zodat men doorschuift en ook starters op de huizenmarkt een kans maken?
Garanties voor beweging op de woningmarkt kun je niet geven. Gemeenten kunnen economische gebondenheid als regel voor toewijzing hanteren. Verder zal het wel zo blijven dat huizenkopers zich vrij kunnen vestigen. Maar vergeet niet dat met de opbrengst van dure villa’s aan het Wieringerrandmeer weer wat anders kan worden gedaan.

In de plannen zweven doelstellingen als welzijn en leefbaarheid en wonen/werken voor de eigen bevolking soms wel erg losjes boven de concrete voorstellen. De ontwikkelingskansen die worden geboden zijn fors. In het Toetsingskader staat dat Noord-Holland Noord bovendien de problemen van de deltametropool, lees de randstad, moet helpen oplossen. Wat wordt het, het accent op regionaal of toch oriënteren op de randstad?
“De koers is nog niet duidelijk vastgelegd, keuzen staan nog niet vast. Het ontwikkelingsbeeld is een poging de ruimtelijke vragen van het gebied op te lossen De manier waarop we dat doen is flexibel. We willen uitvoeringsgericht zijn met maximale betrokkenheid van mensen, het is geen plan voor in de la. Het streekplan dat op basis van het ontwikkelingsbeeld wordt gemaakt zal evenmin als toetsings- en controleapparaat worden ingezet. Het is niet meer van deze tijd om gemeenten op te leggen wat waar komt. Door samenspraak en overleg zorg je dat het gebied er zelf enthousiast mee aan de slag gaat.

U cijfert uzelf weg. Leidt zo’n opstelling tot uitholling van de rol van de provincie?
Nee, iedereen heeft inspraak maar wij moeten uiteindelijk de taart bakken.We veronachtzamen onze beleidsuitgangspunten niet. Het Ontwikkelingsbeeld, straks streekplan moet oplossingen bieden voor vraagstukken als de woonwerk balans en de ontsluiting van het gebied. De werkgelegenheid moet gelijke tred houden met de bevolking. Wij kiezen voor voldoende ruimte voor bedrijvigheid en willen alleen autonome groei van de bevolking toelaten. Voor woningbouw betekent dat een extra taakstelling van 30.000 woningen.
We onderscheiden gebieden waaromheen contouren zijn getrokken en gebieden die zo waardevol zijn dat we ze willen beschermen, zowel vanuit het oogpunt van natuur en milieu als cultuurhistorie. In het gebied dat overblijft kunnen gemeenten – binnen condities natuurlijk – hun gang gaan. Zo moet een bestemmingsplan altijd gepaard gaan met een beeldkwaliteitsplan.

Leidt interactief werken tot andere keuzen van GS?
Die kans bestaat. In Noord-Kennemerland leeft onder bestuurders de mening dat GS voorbij gaan aan hun inbreng. Zij hebben grote zorgen over de balans tussen het aantal inwoners en de werkgelegenheid. Als de mensen gelijk hebben en het voorliggende eerste concept onvoldoende voorziet in antwoorden, ben ik bereid dat aan te passen.

Er is uitgebreid aandacht voor zorg, huisvesting en welzijn van doelgroepen als ouderen, jongeren en jonge gezinnen. Maar er is, vergeleken met de andere terreinen, geen of weinig overleg geweest met betrokken instellingen, alleen met woningcorporaties. Hoe moet het met de uitvoering van de voornemens?
De hele situatie op welzijnsgebied zit in een ontwikkelingsfase. Door de vergrijzing moeten er nieuwe voorzieningen komen. Wij creëren daarvoor de ruimte. Het streekplan geldt voor tien jaar, met nog een doorkijk naar de volgende tien jaar. Gemeenten kunnen ook over een paar jaar nog invulling geven aan de plannen.

En als het gaat om het wegwerken van achterstanden?
Middels het Investeringsprogramma stedelijke vernieuwing (ISV) proberen wij in de noden van nu te voorzien. En er staan geen ijzeren schotten tussen ISV en uitvoeringsprojecten in het kader van het streekplan.

Landelijk lijkt polderen passé, u lijkt de smaak juist te pakken te hebben?
Je moet niet te veel kletsen zonder dat er een ei wordt gelegd. Waar het mij om gaat is het oplossen van problemen in het gebied. Dat gaat beter met een door betrokkenen gedragen streekplan. Als dat ouderwets is, het zij zo.”

 

Het plan in het kort

Centrale doelstellingen van het concept Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord zijn het vergroten van welzijn en leefbaarheid, groei van de regionale economie, bouwen voor de eigen bevolking en verbetering van de bereikbaarheid van het gebied. Wie daarbij vooral aan kleinschaligheid denkt, komt bedrogen uit. De Woning- en (spoor)wegenbouwers kunnen voorlopig voort in het gebied. Bloembollen, glastuinbouw en andere bedrijvigheid krijgen ruim baan. Voor de waterberging bestaan grootse plannen. Van grove lijnen, gauw klaar is evenwel geen sprake. Het plan getuigt van precisiewerk, waarbij bestemmingen zorgvuldig zijn ingepast. Karakteristiek open gebied – bijvoorbeeld tussen Castricum-Limmen en St. Pancras-Alkmaar – wordt beschermd, evenals cultuurhistorisch erfgoed als de Westfriese Omringdijk. Gebieden die ook beschermd zijn volgens de Habitat- of Vogelrichtlijn, zoals de Leekerlanden, zijn uitgesloten van verstedelijking of ander ruimtelijk ingrijpen.

 

Woningbouw

Tot 2030 komen er 65 000 woningen bij, inclusief de al vastliggende contingenten (± 35000 woningen). De stedelijke gebieden Heerhugowaard, Alkmaar en Langedijk (HAL) en Hoorn, Enkhuizen en Streek (HES) mogen verder groeien als respectievelijk centrumstad en bandstad, maar zullen niet aan elkaar groeien. Woningbouw in en rond kleine kernen wordt toegestaan.

Gemeenten krijgen meer vrijheid dan in het verleden om hun plannen voor woningbouw te ontwikkelen. De provincie stelt wel randvoorwaarden, zoals het in overleg met buurgemeenten opstellen van een woonvisie.

Waardevolle natuur en cultuurhistorie worden beschermd. Waar het volgens GS kan, is mooi wonen in het groen toegestaan.

 

Bedrijfslocaties

Het bedrijfsleven krijgt eveneens de kans om uit te dijen, geconcentreerd rond een aantal locaties. Men kiest niet voor bedrijvigheid langs corridors. Er komen nieuwe regionale bedrijventerreinen bij Den Helder (functie maritiem), West-Friesland (transport), Wieringermeer (agribusiness) en Alkmaar (overige bedrijvigheid).

De bloembollenteelt krijgt extra ruimte in de Noordkop (2900 ha.), de glastuinbouw in de Wieringermeer, Het Grootslag (bij Andijk) en Heerhugowaard. Om extra werkgelegenheid te scheppen wordt in de Wieringermeer grootschalige glastuinbouw gecombineerd met een agribusinesscentrum.

 

Fysieke infrastructuur

De N99 wordt opgewaardeerd. Als de aanleg van het Wieringerrandmeer doorgaat, zal nut en noodzaak worden onderzocht van een omlegging van de rijksweg naar Wieringenwerf of Middenmeer (aansluiting op A7). Over het tracé van de Westfrisiaweg en over de vraag of de weg nieuw wordt aangelegd dan wel opgewaardeerd, wordt uiterlijk in 2005 een beslissing genomen. De A9 naar Alkmaar zien GS graag verbreed. Het spoor kan op verschillende trajecten worden verdubbeld.

 
Water

De capaciteit voor waterberging groeit met 2%. In nieuwe stedelijke gebieden moet 11% van de oppervlakte water kunnen opvangen en/of bergen.

 

Sociale infrastructuur

Er is aandacht voor huisvesting, zorg en welzijn voor doelgroepen als ouderen, jongeren en jonge gezinnen. De provincie geeft een aanzet om problemen als de vergrijzing en verschraling van voorzieningen op het platteland het hoofd te bieden. Gemeenten worden uitgenodigd met concrete plannen  te komen.

Het plan voorziet in de bouw van 8700 aangepaste nieuwe woningen voor het zelfstandig wonen van mensen die zorg behoeven. Alle andere nieuwbouwwoningen moeten levensloopbestendig zijn.

De problemen van starters om aan een woning te komen hoopt de provincie te ondervangen met doorstroming op de huizenmarkt.