<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Annemiek Onstenk, journalist &#124; Tekst, redactie &#38; research &#187; Diversiteit</title>
	<atom:link href="http://www.annemiekonstenk.nl/category/publicaties/diversiteit/feed" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.annemiekonstenk.nl</link>
	<description>tekst, redactie en research</description>
	<lastBuildDate>Thu, 19 Jan 2012 08:25:30 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.0.1</generator>
		<item>
		<title>Turkse kunstnomaden in Amsterdam</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/05/16/turkse-kunstnomaden-in-amsterdam.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/05/16/turkse-kunstnomaden-in-amsterdam.html#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 16 May 2011 08:58:50 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1823</guid>
		<description><![CDATA[Terwijl veel mensen in Nederland en andere West-Europese landen mutsen over hoofddoekjes, verleidt aanstormend Turks talent kunstliefhebbers met postmoderne global art. Contrast &#8211; voorjaar 2011 Voor minder dan geschiedenis schrijven doen ze het niet. “De westerse kunst en cultuur zijn niet langer dominant. Wij zijn de vlaggendragers van een nieuwe kunststroming, waarin globalisering en kosmopolitisme [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.annemiekonstenk.nl/wp-content/uploads/2011/05/Videokunst-7-hills-Contrast1.jpg"></a>Terwijl veel mensen in Nederland en andere West-Europese landen mutsen over hoofddoekjes, verleidt aanstormend Turks talent kunstliefhebbers met postmoderne <em>global art.</em></p>
<p><span id="more-1823"></span></p>
<p><a href="http://www.annemiekonstenk.nl/wp-content/uploads/2011/05/Videokunst-7-hills-Contrast2.jpg"><img class="alignright size-medium wp-image-1831" src="http://www.annemiekonstenk.nl/wp-content/uploads/2011/05/Videokunst-7-hills-Contrast2-300x188.jpg" alt="" width="300" height="188" /></a></p>
<p><strong>Contrast &#8211; voorjaar 2011</strong></p>
<p>Voor minder dan geschiedenis schrijven doen ze het niet. “De westerse kunst en cultuur zijn niet langer dominant. Wij zijn de vlaggendragers van een nieuwe kunststroming, waarin globalisering en kosmopolitisme centraal staan,” zegt Ipek Mihrac Sur, kunstenaar en medeoprichter van kunststichting 7 Hills Foundation. Deze naam verwijst naar de zeven heuvels van Istanbul. Ipek Sur: “Als je de zeven punten met elkaar verbindt, ontstaat de vorm van een diamant.”</p>
<p>We praten met haar in galerie Art Space 7 in de Amsterdamse binnenstad, één van de initiatieven van 7 Hills. Om ons heen schilderijen met vogelverschrikkers, collages van blote lichaamsdelen verstrengeld met medische apparatuur en videokunst van Can Sungu, waarbij in een bont stilleven steeds een element verandert. Er wordt ook een twintig minuten durende videofilm geprojecteerd, waarin de blote kunstenares, Burcu Oncel, zichzelf met verf overgiet en met natte verfharen een doek beschildert. Verrassend en vitaal.</p>
<p><em> </em></p>
<p><strong>Sublime Porte</strong></p>
<p>De 7 Hills Foundation wil stereotypen van Turkse kunst doorbreken. “Maar we zijn geen wapen tegen populisme,” zegt Ipek Sur. “Het gaat ons niet om een politiek statement. Ons doel is hedendaagse, vernieuwende en hybride kunst laten zien. Hybride wil zeggen dat verschillende kunstvormen en nieuwe technologieën, maar ook wetenschap en performance in elkaar overlopen. Hiermee leveren we onze bijdrage aan veranderingen. We maken mensen nieuwsgierig. Kunst is de beste manier om over culturen te praten.”</p>
<p>Voor de eerste expositie waren Turkse kunstenaars die verspreid over Europa wonen, uitgenodigd om hun visie op Turkse identiteiten te verbeelden. De expositie kreeg de veelzeggende titel Sublime Porte: de naam van een deur naar de ruimte in het Topkapi Paleis te Istanbul, waar de Ottomaanse sultan bezoekers uit het Westen ontving. Ipek Sur noemt het “een plek van samensmeltende culturen en identiteiten”. Sublime Porte was een poort tussen Oost en West, de 7 hills stichting wil een levendige brug tussen Oost en West slaan.</p>
<p>Tijdens de expositie vond ook een debat plaats over <em>De last van vertegenwoordiging</em>. Ipek Sur: “In verband met de toetreding van Turkije tot de Europese Unie is de discussie over de Turkse identiteit actueel. Zijn de kunstenaars die bij ons exposeren automatisch vertegenwoordigers van de, in Europese ogen eenzijdige, moslimcultuur?  Voelen zij zich ambassadeur van Turkije?” Uit het debat bleek dat ‘de’ Turkse identiteit niet bestaat. Ipek Sur: “Het is eerder een collage van tientallen verschillende culturen, mede als resultaat van de vele volksverhuizingen in het Ottomaanse tijdperk. Veel Turken ervaren de door het Westen opgelegde, eenzijdige vertegenwoordigende rol als een enorme last. Dit is duidelijk terug te zien in het werk van de kunstenaars.”</p>
<p>Het liefst zou Ipek Sur het niet meer hebben over culturele, laat staan etnische, identiteiten: de taal en verbeelding van kunstenaars is een wereldtaal. “Bij<em> global art</em> gaat het om authentieke persoonlijkheden van kunstenaars. Bij ons kunnen ze zichzelf zijn. Reguliere musea en kunstinstellingen hebben te weinig raakvlak met wereldkunst. Zij moeten labellen. Voor ‘diversiteit’ hebben ze bijvoorbeeld wel plek, voor onze ideeën niet. Galerie Art Space 7 voorziet in een behoefte. Ook vanuit Turkije zelf hebben kunstenaars weinig kans om in het buitenland te exposeren.”</p>
<p><strong>Nomaden</strong></p>
<p>Ipek Sur studeerde fotografie in Istanbul en kwam in 2004 als beursstudent naar Nederland. Ze zat op de Koninklijke Academie van Beeldende Kunst in Den Haag en deed vervolgens de Masteropleiding Photographic Studies in Leiden. In 2009 ontmoette ze performer Sinan Efe, een Turkse Amsterdammer. Samen zetten ze 7 Hills op. Ipek Sur: “Er was niet veel voor en van Turkse kunstenaars. Er moest wat veranderen en we hadden daar dezelfde ideeën over. We beschikken over een groot netwerk; hij in Nederland, ik in Turkije. Op de opening van de eerste expositie kwamen 300 mensen af: kunstliefhebbers, zakenlui, buurtbewoners, kunstcritici, jongeren, politici, etc. Ik ben als curator steeds op zoek naar opkomende underground kunstenaars uit onder andere Turkije. Het mogen ook Europese kunstenaars zijn. Ik geef kunstenaars kansen, waar ze ook vandaan komen.”</p>
<p>De 7 Hills Foundation wil een podium bieden aan zowel beeldend kunstenaars als podiumkunstenaars vanuit verschillende disciplines. Na de expositie in Art Space 7 in april volgt in mei het Amsterdam-Turkije Filmfestival.</p>
<p>Subsidie krijgen oprichters Ipek Sur en Sinan Efe niet. “We werken als vrijwilligers, ik verdien geld met andere activiteiten,” aldus Ipek Sur. “Daar staat tegenover dat we met onze galerie gratis in een mooi pand van Stadsherstel zitten. We zijn een soort antikraakwacht. Na deze eerste expositie trekt er een echte huurder in en gaat Art Space 7 op deze locatie sluiten. We worden nomaden. Waarschijnlijk krijgen we telkens een andere tijdelijke locatie. Het nomadisch bestaan past bij ons: Art Space <em>is everywhere</em>.</p>
<p>Art Space  Nieuwe Nieuwstraat 27c  Amsterdam</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/05/16/turkse-kunstnomaden-in-amsterdam.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hoofddoek, hoer en horigheid</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/04/28/hoofddoek-hoer-en-horigheid.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/04/28/hoofddoek-hoer-en-horigheid.html#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 28 Apr 2011 13:52:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Politiek]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>
		<category><![CDATA[Waterstof]]></category>
		<category><![CDATA[emancipatie]]></category>
		<category><![CDATA[hoofddoek]]></category>
		<category><![CDATA[prostitutie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1782</guid>
		<description><![CDATA[Er zijn vrouwen met een hoofddoek die carrière maken en vrouwen met een academische titel die thuiszitten en hun partner de kost laten verdienen. e-zine Waterstof #56 &#8211; mei 2011 Er zijn SGP-vrouwen die volmondig instemmen met het partijgebod dat zij als vrouwen geen passief kiesrecht hebben en prostituees die rechten als sekswerker opeisen. Als [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Er zijn vrouwen met een hoofddoek die carrière maken en vrouwen met een academische titel die thuiszitten en hun partner de kost laten verdienen. <span id="more-1782"></span></p>
<p><strong>e-zine Waterstof #56</strong><strong> &#8211; mei 2011 </strong></p>
<p>Er zijn SGP-vrouwen die volmondig instemmen met het partijgebod dat zij als vrouwen geen passief kiesrecht hebben en prostituees die rechten als sekswerker opeisen. Als emancipatie zelfbeschikking en zeggenschap over eigen lijf en leven is, dan zouden bovengenoemde vrouwen allemaal geëmancipeerd kunnen zijn. Is emancipatie ook bevrijding uit een onderdrukte of tweederangs positie, loskomen uit ongelijke machtsverhoudingen en vrije, gelijke ontplooiingskansen hebben (en nemen) als mannen &#8211; en die mening ben ik toegedaan &#8211; dan wordt het complexer. Helemaal als één en dezelfde situatie emanciperend én onderdrukkend wordt gevonden, zoals het dragen van een hoofddoek en het in de prostitutie werken.</p>
<p>Is emancipatie voor iedereen of zijn er uitzonderingen?</p>
<p>Emancipatie is geen statisch begrip en staat niet los van historische en culturele contexten. Was autorijden en een hoge opleiding volgen in de jaren 60 en 70 voor veel vrouwen in Nederland een manier om vrijheid en erkenning te verwerven, tegenwoordig meet de overheid emancipatie af aan het percentage vrouwen in topposities, arbeidsparticipatie en afname van gemeld geweld. Je hoeft er de Emancipatiemonitor 2010 van het Sociaal en Cultureel Planbureau en het Centraal Bureau voor de Statistiek maar op na te slaan om te zien dat er weliswaar veel is bereikt, maar dat de emancipatie van vrouwen en homo’s m/v (in het overheidsbeleid gaat het bij emancipatie vooral om vrouwen- en homo-emancipatie) in Nederland verre van &#8216;klaar&#8217; is. Er is sinds het begin van de emancipatiegolf in de jaren 70 van de vorige eeuw veel vooruitgang geboekt, maar er is nog altijd een onverklaarbaar verschil van 8 à 9% tussen vrouwen- en mannenlonen voor hetzelfde werk. Slechts de helft van de vrouwen in Nederland is economisch zelfstandig; van de Turks- en Marokkaans-Nederlandse vrouwen veel minder. Arbeid en zorg zijn nog onvoldoende (eerlijk) verdeeld over mannen en vrouwen. De kans op armoede is groter voor vrouwen dan voor mannen, evenals de kans slachtoffer te worden van geweld door een bekende. Streefcijfers voor topvrouwen in het bedrijfsleven en vrouwelijke hoogleraren aan de universiteiten worden niet gehaald. Tegenover groeiende maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit, staat een toenemend aantal voorvallen van discriminatie en geweld. Emancipatie bevechten is naar mijn mening een kwestie van stug volhouden en dat doen doorzetters als E-quality, Women Inc en COC met verve. Emancipatiedoelen worden over het algemeen door links, liberaal en deels ook rechts erkend en zijn onomstreden.</p>
<p>Anders is het met kwesties rond gelijke rechten/behandeling waar moraal en/of religie bij komen kijken, zoals de inzet van voortplantingstechnieken, geloofsuitingen door moslima’s en prostituees, om me tot vrouwenzaken te beperken. Daar schuurt emancipatie het  meest.</p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong>De hoofddoek </strong></p>
<p>De huidige hoofddoekjesdiscussie zou niet zo beladen zijn geweest als de politieke verhoudingen niet zo waren gepolariseerd en er geen anti-islamstemming was. In Nederland is de hoofddoek maatschappelijk omstreden geraakt. Niet alleen bij Geert Wilders, die selectief wel bij moslims maar niet bij christenen, joden, sikhs, etc. winkelt als het gaat om het dragen van religieuze kleding en symbolen, ook onder feministen. Zo vinden veel feministische vrouwen, autochtone en allochtone, het dragen van een hoofddoek een uiting van ongelijkheid en hiërarchie tussen mannen en vrouwen. Cisca Dresselhuys, lange tijd hoofdredacteur van Opzij, sloot moslima’s met hoofddoek uit van de redactie van het feministische maandblad.</p>
<p>Onlangs verbood een rechter een leerlinge het dragen van een hoofddoek op de katholieke Don Boscoschool in Volendam. In de aanloop naar het proces zat het meisje, dat weigerde de hoofddoek af te doen op school, in een aparte ruimte. Een algemeen verbod op het dragen van hoofddoekjes in het (openbaar) onderwijs en bij overheidsdiensten wees de Tweede Kamer in 2004 overigens af. Wel kwam er een hoofddoekverbod voor rechters en geüniformeerde ambtenaren.</p>
<p>Frankrijk, met zijn in de grondwet vastgelegde scheiding tussen kerk en staat, ging, deels om opportunistische redenen &#8211; Jean-Marie Le Pen haalde in 2002 de tweede ronde van de Franse presidentsverkiezingen en werd de uitdager van zittend president Jacques Chirac &#8211; een stap verder dan Nederland. Daar geldt sinds 2004 een breed verbod op het dragen van een hoofddoek (en andere opzichtige religieuze uitingen) in overheidsdienst en publieke voorzieningen. Zo werd bij wet geregeld dat scholieren, leerlingen en leerkrachten in het lager en voortgezet onderwijs geen opvallende geloofsuitingen mochten dragen. Een aantal feministen, publicisten en intellectuelen sprak zich hiertegen uit, omdat de wet het recht op onderwijs van vrouwen aantastte. Zij waren tegen het gedwongen dragen én het gedwongen afdoen van hoofddoeken. Andere feministen ondersteunden daarentegen het regeringsbeleid. Onder de vrouwen uit Franse voorsteden, gelovige en niet-gelovige, feministische en niet-feministische, die toen onder het motto <em>Ni putes, ni soumises (Geen hoer, noch onderdanig</em><em>) </em>demonstreerden voor rechten en vrijheid, tegen sociale ellende en machismo, waren vrouwen die een hoofddoek droegen uit bescherming tegen agressie en geweld van moslimmannen/familieleden. Andere vrouwen zeiden dat juist te doen als trotse uiting van de islamitische cultuur én emancipatie.</p>
<p>Kennelijk zegt de hoofddoek op zichzelf niets over bevrijding van meisjes en vrouwen. Daarvoor is inzicht nodig in hun levensomstandigheden, kansen en perspectieven én de mening van betrokkenen zelf natuurlijk. Marokkaans- en Turks-Nederlandse meisjes en jonge vrouwen doen het in Nederland goed op school; ze halen betere resultaten dan jongens. Hun arbeidsparticipatie correspondeert met hun opleidingsniveau. Middelbare en hoog opgeleide Marokkaans- en Turks-Nederlandse vrouwen tussen 25-50 jaar werken twee keer zo vaak als hun laag opgeleide zusters. Iemand vanwege de hoofddoek een baan weigeren waarvoor geen neutraliteit nodig is, zoals voor politie en rechters, is contraproductief uit het oogpunt van emancipatie.</p>
<p>Ook goed opgeleide Marokkaans- en Turks-Nederlandse meisjes en vrouwen kunnen te maken hebben met bijvoorbeeld vrijheidsbeperking, uithuwelijking of achterlating door mannelijke familieleden of partners. Georganiseerde moslima’s, al dan niet met het uit overtuiging, gewoonte of onder druk dragen van een hoofddoek, geven aan misstanden of onderdrukking van binnenuit te willen veranderen. De minste steun die de overheid en sociale partners  aan de ene en ongelovige feministische zusters aan de andere kant kunnen geven is opleiding, ontwikkeling, ontplooiing, arbeids- en carrièrekansen, goede, beschermende wetgeving, handhaving daarvan en solidariteit. Die steun hebben overigens ook vrouwen nodig die lijden onder christelijke of anderszins religieuze druk.</p>
<p>Zelfbewuste en goed opgeleide meiden en vrouwen zijn beter toegerust zich in te dekken tegen dwang en geweld of de weg te vinden naar handhavers van wet en beleid wanneer zij daar toch mee te maken krijgen, dan zij die van school of werk worden gehaald omdat ze geen hoofddoek mogen dragen. De Afghaanse Sahar zal als hier opgeleide arts meer voor de emancipatie van vrouwen in het land van herkomst (van haar ouders) kunnen doen, dan als gesluierde jonge vrouw in Afghanistan, die binnen wordt gehouden en geen opleiding kan volgen. Koppelen moslima’s individuele vrijheidsstrijd aan emancipatiedoelen voor de hele groep, aan verandering van machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen in hun gemeenschappen, dan staan zij voor dezelfde zaak als on- of anders-gelovige feministen.</p>
<p><strong>De hoer </strong></p>
<p>Op 8 april jongstleden arresteerde een team van de Nationale Recherche, het OM en de Haagse politie 157 in Den Haag werkende prostituees (en 134 klanten, bordeelhouders, horecaondernemers, e.a.). Doel: mensenhandel en uitbuitingspraktijken opsporen. Twee mannen werden opgepakt wegens witwassen en mensenhandel. Een aantal vrouwen, afkomstig van buiten Nederland, wier namen bleken te matchen met eerder onderzoek naar mensenhandel, is opvang aangeboden. De burgemeester sloot drie bordelen, voor een maand, omdat ze niet aan de eisen voor een vergunning voldeden. Waar de overige prostituees zijn gebleven kan (wil?) de gemeente niet bekend maken. In hun ijver mensenhandelaren in de kladden te grijpen en vrouwen te bevrijden (waarvoor hulde), behandelt men alle prostituees als (potentiële) slachtoffers van mensenhandel en mensonterende werkomstandigheden. Dat is niet alleen in Den Haag zo. Ook de Amsterdamse strijd tegen mensenhandel en aanverwante wantoestanden op de Wallen, onder aanvoering van wethouder Lodewijk Asscher van de PvdA, is voortdurend prominent in het nieuws. Gemeenten die dat doen verdienen alle steun, wie is daar tegen? Kwetsbare vrouwen hebben extra inzet van de overheid nodig. Maar het uitgangspunt dat prostituees (ik beperk me hier tot vrouwen) op voorhand slachtoffer van slechte jongens/mannen en een enkele vrouw zijn, laat geen ruimte voor andere realiteiten. Bijvoorbeeld dat Nederlandse studentes of vrouwen uit de Filipijnen, de Dominicaanse Republiek of Oeganda, ook moeders, in de seksindustrie hun brood (willen) verdienen voor een luxe leventje of hun gezin. Bovendien verzwakt de slachtofferbenadering hun positie, waar empowerment meer op z’n plaats zou zijn. Wordt uitbuiting in bijvoorbeeld de tuinbouw, confectieateliers of bloembollenteelt aangepakt door de Arbeidsinspectie, Sociale zaken en de vakbonden, uitbuiting van prostituees roept paternalistische bescherming op en wordt in handen van politie en justitie gelegd. De Nederlandse verzorgingsstaat wordt afgebouwd, eigen kracht en verantwoordelijkheid zijn de basis van zorg, sociale en arbeidswetgeving geworden, maar prostituees neemt vadertje het heft uit handen. Veel minder bekend is dat Amsterdam op papier ook een op emancipatie gericht prostitutiebeleid voert. Dat komt de stad dan weer op een berisping te staan van Dick Pels, directeur van het Wetenschappelijk Bureau van GroenLinks en oprichter van dit e-zine Waterstof en de Waterlandstichting. Pels noemt het Amsterdamse prostitutiebeleid in de <em>Groene Amsterdammer</em> van 17 maart j.l. een voorbeeld van vrijzinnige naïviteit. “Er wordt over prostituees gesproken als sekswerkers, alsof het gewone zelfstandige ondernemers zijn. Je moet veel wantrouwiger zijn tegenover deze industrie. (…) Prostitutie is geen normaal beroep.” Dat laatste vinden de meeste prostituees zelf ook, maar voor vrouwen die ervoor kiezen geld te verdienen met prostitutie, is het desondanks werk, sekswerk om precies te zijn. Organisaties van en voor prostituees willen dat prostitutie ook als zodanig wordt erkend, met alle rechten die daar bij horen. Ook plichten als belasting betalen zijn sinds de afschaffing van het Nederlandse bordeelverbod in 2000 normaal geworden. Arbeidsrechten van prostituees, in legale bedrijven, worden nu op grote schaal geschonden. Dat drijft vrouwen de illegaliteit in. Misstanden, en die zijn er veel in deze branche, moeten bestreden worden, natuurlijk. Daar zijn wetten voor. Maar vrouwen die het recht hebben zich als prostituee te vestigen en een beroep op de Arbeidsbescherming kunnen doen,  kunnen zich beter tegen mensenhandel, verkrachting, dwang, uitbuiting, etc verweren, dan vrouwen die zich moeten verbergen. Worden zij slachtoffer van dwang of geweld, dan moeten zij hulp (kunnen) krijgen, al dan niet na aangifte; daders moeten worden vervolgd. De handhavende overheid moet meehelpen de branche tot een fatsoenlijke bedrijfstak te maken.</p>
<p>In veel landen zijn organisaties van en voor rechten van prostituees actief, om veilig te werken, goede arbeidsomstandigheden en gezondheidsvoorzieningen af te dwingen en corrupte politie en politici (letterlijk) van hun lijf te houden. Niet alleen in westerse landen als het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Nederland, ook in bijvoorbeeld Taiwan (COSWAS), Hong Kong (Zi Teng), Oeganda (WONETHA), Ecuador (Asociacion Feminina de Trabajadoras Autonomas de 22 de Junio de El Oro) en Peru (Asociación de Trabajadoras Sexuales Mujeres del Sur).</p>
<p><strong>Geen redding maar rechten </strong></p>
<p>Het is een denkfout moslima’s met hoofddoek en prostituees rechten te ontzeggen en van emancipatie uit te sluiten, omdat ze (potentieel) slachtoffer zijn van geweld, uitbuiting en onderdrukking door mannen. Die zouden eerder tot de conclusie moeten leiden dat er e<em>Man</em>cipatie nodig is. Hoe leren (we) mannen om te gaan met vrouwen als vrije burgers, met dezelfde rechten als zij, en af te zien van dwang en geweld?</p>
<p>Behalve sekswerker van vlees en bloed is ‘hoer’ de slechte vrouw metafoor voor vrouwen als zodanig. Rotjochies op straat kunnen willekeurige meiden en vrouwen voor ‘hoer’ uitmaken, net als vaders/broers hun dochters/zussen die de bloemetjes buiten zetten of zonder hoofddoek de deur uitgaan en mannen hun vrouwelijke partner die vreemdgaat. Als meisjes/vrouwen niet tot hun (seksuele) beschikking staan of zich niet houden aan codes die mannen hen opleggen, dan zijn zij lager dan het laagste en doelwit van, in hun ogen gerechtvaardigd, geweld. Dat is de boodschap van ‘hoer’. Emancipatie van prostituees dient daarom de algemene vrouwenzaak. De seksualiteit van vrouwen, iets wat veel mannen graag willen &#8216;hebben&#8217;, verdient respect, geen minachting en vernedering.</p>
<p>Vrouwen die, als vrouw, onder de duim worden gehouden, onvrij zijn of onder horige, erbarmelijke omstandigheden leven en die zich willen ontdoen van knellende tradities en onderdrukkende situaties, hebben de steun van anderen het hardste nodig. Met of zonder hoofddoek, binnen of buiten de seksbusiness. Vrouwen die hun omstandigheden proberen te verbeteren, verdienen solidariteit, al moeten emancipatiedenkers ervoor in een spagaat. Eventuele ambivalente gevoelens of afkeuring over hun keuze, komen op het tweede plan. Het kan naïef zijn om te streven naar lotsverbetering en mensenrechten voor maatschappelijke paria’s als prostituees. Het omgekeerde, verwachten dat vervolging en criminalisering hen zal redden uit handen van handelaren, is minstens zo naïef.</p>
<p><em>We want rights, no rescue</em>, zeggen georganiseerde prostituees, op internationale congressen bijeen<em>.</em> En ze hebben gelijk. Als prostituees moeten wachten tot de prostitutie is verdwenen, wordt het nooit wat met hun emancipatie. Emancipatie is voor iedereen.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2011/04/28/hoofddoek-hoer-en-horigheid.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>‘Gelijke&#8217; behandeling breekt allochtoon op</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/arbeid-en-sociale-zekerheid/2011/04/06/%e2%80%98in-nederland-sta-ik-1-0-achter-in-turkije-1-0-voor-%e2%80%99.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/arbeid-en-sociale-zekerheid/2011/04/06/%e2%80%98in-nederland-sta-ik-1-0-achter-in-turkije-1-0-voor-%e2%80%99.html#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 06 Apr 2011 11:54:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Arbeid en sociale zekerheid]]></category>
		<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>
		<category><![CDATA[carrière-vluchtelingen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1703</guid>
		<description><![CDATA[Veel jonge, hoogopgeleide allochtonen zien onvoldoende perspectief op de Nederlandse arbeidsmarkt en overwegen te vertrekken. Organisatieadviseur Lida van den Broek waarschuwt voor onbedoelde, subtiele vormen van racisme  die deze (potentiële) carrièrevluchtelingen tegenkomen. het Financieele Dagblad &#8211; 9 april 2011 http://fd.nl/Archief/2011/04/11/gelijke-behandeling-breekt-allochtoon-op# Het 16-jarig schaaktalent Anish Giri werd in Rusland geboren, uit een Russische moeder en een [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Veel jonge, hoogopgeleide allochtonen zien  onvoldoende perspectief op de Nederlandse arbeidsmarkt en overwegen te vertrekken. Organisatieadviseur Lida van den Broek waarschuwt voor onbedoelde, subtiele vormen van racisme  die deze (potentiële) carrièrevluchtelingen tegenkomen.<strong><span id="more-1703"></span></strong></p>
<p><strong><strong>het Financieele Dagblad &#8211; 9 april 2011 </strong></strong></p>
<p>http://fd.nl/Archief/2011/04/11/gelijke-behandeling-breekt-allochtoon-op#</p>
<p>Het 16-jarig schaaktalent Anish Giri werd in Rusland geboren, uit een Russische moeder en een Nepalese vader. In 2008 verhuisde het gezin naar Nederland. Toen Anish in september 2009 een schaaktoernooi won, noemden kranten hem ‘de jongste Nederlandse kampioen uit de geschiedenis’. Wat Anish in één jaar lukt, daarin slagen talentvolle jonge, allochtone Nederlanders nog niet in meerdere generaties. Ze zijn hier geboren en opgegroeid en dus gewoon Nederlander. Toch overheerst het gevoel nooit Nederlander te worden, hoezeer ze ook hun best doen.</p>
<blockquote><p><strong>Derya Akbulut</strong></p></blockquote>
<blockquote><p>‘Dat eeuwige “Wat spreek je goed Nederlands”. Ik bén Nederlander.’ Derya Akbulut (27) vindt het vervelend als Turkse Nederlander altijd als vreemdeling behandeld te worden. Ze werkte tien jaar als boekhouder bij een Turks bedrijf. Als aanvullende studie deed ze de hbo-opleiding HRM. Ze liep, als derdejaars, stage bij Deloitte, tot wederzijds genoegen. Nu zit ze in Engeland, vanwege de taal. Binnenkort gaat ze werk zoeken in Nederland. Dat zal moeilijk zijn. Derya Akbulut: ‘De concurrentie is groot. Veel oud-medestudenten zijn werkloos.’ Gediscrimineerd voelt ze zich niet. Ook deed ze geen slechte ervaringen op bij bedrijven in Nederland. Wel vindt Derya dat zij als ‘allochtoon’ (‘Zo voel ik me niet, maar autochtone Nederlanders zien mij meestal zo.’) beter moet presteren dan autochtonen om dezelfde kansen en waardering te krijgen. Derya Akbulut hoopt hier een baan te vinden, maar anders lonkt Turkije. ‘Ik wil ook graag in Istanbul werken. Het leven gaat daar 24 uur per dag door. Daar voel ik me goed bij. In Nederland start ik met een 1-0 achterstand, in Turkije begin je als Europeaan met een 1-0 voorsprong.’</p></blockquote>
<p><strong>Vermeende achterstand</strong></p>
<p>Lida van den Broek<strong> </strong>is organisatieadviseur en trainer ‘diversiteit op de werkvloer’. Zij komt vrijwel dagelijks in bedrijven en organisaties die hiermee worstelen. In 2009 promoveerde ze op onderzoek naar de vraag waarom multi-etnisch personeelsbeleid, ondanks goede bedoelingen, toch vaak niet lukt. Zij wijt het onder andere aan de misvatting dat ‘gelijk behandelen’ wordt opgevat als ‘hetzelfde behandelen’. Lida van den Broek: ‘De meeste werkgevers willen voldoen aan de wettelijke gelijke behandeling. Zij behandelen werknemers als gelijken. Terwijl Marokkaans- of Turks-Nederlandse kandidaten binnenkomen als ‘anderen’. Ze worden op verschil binnengehaald, bijvoorbeeld in verband met een beter bereik onder allochtone groepen. Om gelijke kansen te creëren, is juist aandacht en ruimte voor verschil nodig.’</p>
<p>Werknemers met een kleurtje, hoe goed opgeleid ook, lijken steeds in een fuik te zwemmen. ‘Als allochtonen het goed doen, zeggen autochtoon: Hij/zij is net als wij. Gaat het minder goed, dan is hij/zij weer anders, degene die zich onvoldoende aanpast. In het ene geval wordt verschil ontkend, in het andere tot probleem gemaakt. En dan heb ik het niet over botte vooroordelen en discriminatie,’ aldus Lida van den Broek.</p>
<p><strong> </strong></p>
<p>In haar proefschrift concludeert Lida van den Broek dat het officiële streven naar etnische gelijkheid eerder ongelijkheid veroorzaakt. Hoe gaat dat in z’n werk? ‘Veelvoorkomende argument bij een slechte beoordeling of het mislopen van promotie van allochtone collega’s is dat zij een achterstand hebben of een andere cultuur,’ zegt Van den Broek. Ze onderzocht vele voorbeelden van wat zij ‘subtiel racisme’ noemt. De collega’s van een Turks-Nederlandse man in een productiebedrijf schatten zijn capaciteiten in als onvoldoende. In plaats van de opleiding die autochtone Nederlanders kregen, moest hij een verzwaard en verlengd scholingstraject doorlopen. Ook waren er meer begeleidingsgesprekken en testen dan gebruikelijk. Hij legde die met goed gevolg af. Achteraf stelde iedereen vast dat hij ‘een prima werknemer’ is en dat de collega’s ten onrechte twijfelden aan zijn competenties. Probleem: vooringenomenheid. Gevolg: Turks-Nederlandse man voelt zich oneerlijk behandeld (het woord discriminatie durft hij niet in de mond te nemen, laat staan racisme). Hij gaat extra zijn best doen om het bewijs te leveren dat hij net zo geschikt is voor zijn functie als zijn Hollandse collega’s. Dat kan opnieuw voeding geven aan de gedachte van achterstand. Mogelijk gaat hij door de oneerlijke behandeling slechter presteren, etc.</p>
<p>Alledaags subtiel racisme wordt volgens Van den Broek vaak aan het zicht onttrokken. Leidinggevenden en collega’s zeggen de nieuwkomer met de beste bedoelingen te willen helpen. Betreffende werknemers willen geen slachtoffer zijn. ‘Juist onder hoogopgeleiden is de ontkenning van discriminatie heel groot,’ zegt Van den Broek. ‘Men wil professional zijn, geen allochtoon.&#8217;</p>
<blockquote><p><strong>Roger Carvalho</strong></p>
<p>‘Zelfs als immigrant voelde ik me in Canada minder &#8216;anders&#8217;, meer welkom en  geaccepteerd, dan als allochtone Nederlander in Nederland.’ Roger Carvalho (29) studeerde International Business Administration aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit. Hij liep stage bij HP Nederland en werkte kort bij Accenture als Business Analyst. In 2006 vertrok Carvalho naar Canada, vanwege zijn carrière. ‘In Noord-Amerika is geen rassenscheiding tussen ‘autochtonen’ en ‘allochtonen’. Als je op latere leeftijd naar Noord-Amerika komt, ben je een immigrant. Ben je er geboren, dan heet je simpelweg een Black Canadian of African American. Ik had echter een visum voor twaalf maanden en moest in 2007 terug naar Nederland.’ Vervolgens werkt Carvalho twee jaar bij Vodafone Nederland en zit nu, na een promotie, op het Vodafone hoofdkantoor in Londen. Daar woont hij ook. Roger Carvalho: ‘Het Verenigd Koninkrijk is minder multicultureel ontwikkeld dan Canada en de VS, maar ook hier voel ik me prettiger dan in Nederland, geen ‘allochtoon’.’</p>
<p>Hij vond destijds met gemak een baan in Nederland en werd altijd serieus genomen op de werkvloer. Toch herkent hij het gevoel van &#8216;anders&#8217; zijn. Carvalho: ‘Dat was vooral een probleem in de interactie met autochtone collega&#8217;s. Zij konden vooroordelen hebben over de persoon die ik zou zijn. Dit had weinig impact op mijn werk of promotiekansen, maar kon wel irriteren.’</p></blockquote>
<p><strong>Ruimte voor verschil</strong></p>
<p>Organisatieadviseur Van den Broek ziet nog te weinig cultuurverandering bij bedrijven. ‘Het personeelsbestand is tegenwoordig doorgaans divers van samenstelling. Daar moet je mee om willen en kunnen gaan. Internationale organisaties en multinationals scoren het beste. Om handel te drijven, houden ze rekening met verschillen. Daar zullen allochtonen niet snel horen: ‘We zijn hier in Nederland’ of, bij een discriminerende grap, ‘Geintje, moet kunnen.’ Bedrijven kunnen er zelfs baat bij hebben om ruimte te maken voor verschil. Lida van den Broek: ‘Veel allochtonen leren zich van huis uit anders te profileren dan Nederlanders. Ze zijn minder dominant en minder individualistisch dan autochtone Nederlanders. Hun kwaliteit is bijvoorbeeld dat ze voor het collectief en het bedrijf gaan in plaats van voor zichzelf. Hun houding van het met elkaar doen, wordt onvoldoende herkend.’</p>
<p>Autochtone Nederlanders moeten meebewegen, stelt Van den Broek. ‘Anders redden allochtonen het niet.’</p>
<blockquote><p><strong>Özlem Güles</strong></p>
<p>Özlem Güles (27) kijkt steeds vaker naar banen in Istanbul. ‘Als ik daar iets leuks vind, verhuis ik naar Turkije.’ Özlem volgde de Haagse hbo-opleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening. Ze liep stage bij verschillende hulpverleningsinstellingen in Nederland en in Turkije, waar veel langere werktijden zijn dan in Nederland. Nu is Özlem starter op de arbeidsmarkt. ‘Ik wilde na m’n afstuderen het liefst direct beginnen met werken. Ik ben bereid om alles te proberen.’ Het mag een baan zijn in de jeugdzorg, verslavingszorg, een instelling voor daklozen, bij het algemeen maatschappelijk werk of een gemeente. Ondanks de personeelstekorten in de zorg vindt ze geen baan. Özlem Güles: ‘Momenteel ben ik zeven maanden werkloos. Ik heb honderden sollicitatiebrieven verstuurd. Op de meesten ontving ik niet eens een afwijzing. Niet dat ik me gediscrimineerd voel, maar soms vraag ik me af of ik niets hoor vanwege m’n naam. Zou ik meer kansen hebben als ik Saskia of Annemarie heette? Voor een bedrijf dat mij niet aanneemt vanwege mijn naam, uiterlijk, huidskleur of cultuur wil ik trouwens niet werken. Ik vind dat je eerlijk moet zijn en achter je achtergrond moet kunnen staan.’</p></blockquote>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/arbeid-en-sociale-zekerheid/2011/04/06/%e2%80%98in-nederland-sta-ik-1-0-achter-in-turkije-1-0-voor-%e2%80%99.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Arabische lente voor seksuele diversiteit</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/04/03/arabische-lente-voor-seksuele-diversiteit.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/04/03/arabische-lente-voor-seksuele-diversiteit.html#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 03 Apr 2011 19:50:35 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Weblog]]></category>
		<category><![CDATA[islamitische achtergrond]]></category>
		<category><![CDATA[lesbisch]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1747</guid>
		<description><![CDATA[Nederland staat stil bij het 10-jarig jubileum van de eerste homohuwelijken in ons land, op 1 april 2001 om 00:00u. Het deel van de homobeweging dat jarenlang streed voor deze mogelijkheid, gaf het traditionele instituut huwelijk een roze tint en zette het in voor de eigen emancipatie. Het homohuwelijk is het ‘beste exportproduct’ van Nederland, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Nederland staat stil bij het 10-jarig jubileum van de eerste homohuwelijken in ons land, op 1 april 2001 om 00:00u. Het deel van de homobeweging dat jarenlang streed voor deze mogelijkheid, gaf het traditionele instituut huwelijk een roze tint en zette het in voor de eigen emancipatie. Het homohuwelijk is het ‘beste exportproduct’ van Nederland, aldus homogoeroe Henk Krol. Het vindt niet alleen navolging in vele landen, Nederlands homovriendelijke imago en regelingen trekt, omgekeerd, ook vervolgde homo’s, lesbische vrouwen en transgenders naar hier. Onder wie Ikram en Dounia, lesbische moslima’s, die in Nederland de vrijheid vonden die ze in het land van herkomst (respectievelijk Marokko en Duitsland) niet hadden. Beide vrouwen kwamen in hun familie uit de kast en kregen daardoor een ernstig conflict met vooral hun vader en broers. Homoseksualiteit mag niet van de Koran en niet van de cultuur. In het geval van Ikram was het vooral de cultuur. Haar hoogopgeleide ouders praktiseerden hun geloof nauwelijks en voedden hun kinderen vrij op. Ze studeerde in Parijs. Ook bij Dounia, geboren en opgegroeid in Duitsland, ging het pas fout toen ze liet weten niet te zullen trouwen omdat ze lesbisch is. De vrouwen weken via omwegen uit naar Nederland om hier een veilig lesbisch bestaan op te bouwen. Ikram moet voortdurend verhuizen en over haar schouder kijken, omdat mannelijke familieleden niet opgeven en haar bedreigen. Dounia heeft geen contact meer met haar familie.</p>
<p>Al jaren doen verschillende organisaties pogingen de problematiek van seksuele diversiteit en islam bespreekbaar te maken. Onlangs vond in Amsterdam nog een conferentie plaats over Homoseksualiteit &amp; Islam, georganiseerd door Turkse Arbeidersvereniging HTIB, Turks homoloket, Samenwerkingsverband van Marokkaanse Nederlanders, COC Nederland en de Zuid-Afrikaanse mensenrechtenorganisatie The Inner Circle (<em>for queer muslims</em>). Imam Muhsin Hendricks uit Zuid-Afrika zei daar dat in de Koran geen veroordeling van homoseksualiteit is te vinden.</p>
<p>Het huidige politieke klimaat in Nederland compliceert de worsteling met het geloof en de liefde van homo’s, lesbische vrouwen en transgenders (holebi’s) met een islamitische achtergrond. Geen enkele religie kan geweld tegen holebi’s, autochtoon of allochtoon, rechtvaardigen, ook het islamitische niet. Zero tolerance. Maar om moslimbashers niet in de kaart te spelen, vinden mensen het moeilijk vrij te praten over probleemsituaties. Nederlandse media gebruiken pijnlijke ervaringen van islamitische homo’s, lesbische vrouwen en transgenders als illustratie van de onverdraagzaamheid van de islam. Ze geven af op de Marokkaanse gemeenschap als zodanig, is de ervaring. Terwijl de werkelijkheid ingewikkelder is. Ikram voelt zich geen moslim meer, maar níet omdat haar familie haar homoseksualiteit niet accepteert, laat ze weten. De Marokkaans-Nederlandse moslims in haar straat en in de moskee waar ze boodschappen doet, aanvaarden haar zoals ze is.</p>
<p>De vrouwen willen hun eigen ‘Arabische’ lente afdwingen en bewerkstelligen. Waarvan akte.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/04/03/arabische-lente-voor-seksuele-diversiteit.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hoe diversiteitsproof is het sociaalindividualisme?</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/03/18/hoe-diversiteitsproof-is-het-ideaal-van-sociaalindividualisme.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/03/18/hoe-diversiteitsproof-is-het-ideaal-van-sociaalindividualisme.html#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 18 Mar 2011 07:31:44 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Politiek]]></category>
		<category><![CDATA[Waterstof]]></category>
		<category><![CDATA[Weblog]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1709</guid>
		<description><![CDATA[Waterstof &#8211; maart 2011 De linkse denktank Waterland zoekt naar een herijking van klassieke idealen als vrijheid, gelijkheid en solidariteit en een nieuw evenwicht tussen individualisme en gemeenschapsvorming. Hij schaarde zich onder andere achter het progressief vrijzinnig perspectief van sociaalindividualisme. Hoe verhoudt dit sociaalindividualisme zich tot meer collectieve of collectivistische culturen? Hoe diversiteitsproof is het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Waterstof &#8211; maart 2011</strong></p>
<p>De linkse denktank Waterland zoekt naar een herijking van klassieke idealen als vrijheid, gelijkheid en solidariteit en een nieuw evenwicht tussen individualisme en gemeenschapsvorming. Hij schaarde zich onder andere achter het progressief vrijzinnig perspectief van sociaalindividualisme. Hoe verhoudt dit sociaalindividualisme zich tot meer collectieve of collectivistische culturen? Hoe diversiteitsproof is het vrijzinnige gedachtegoed? En hoe wordt er vanaf de oever tegen aangekeken? Ik vraag  Halleh Ghorashi, bijzonder hoogleraar Management van Diversiteit en Integratie aan de Vrije Universiteit, naar haar mening.</p>
<p>Mijn vraag logenstraft haar mening dat links, dus ook de progressief vrijzinnigen, soms zo arrogant en van zichzelf overtuigd is, dat zij onvoldoende communiceert met anderen. Dat is dus positief. Van een balans tussen individualisme en collectivisme is volgens haar in Nederland (de westerse cultuur) echter geen sprake. Individualisme vat zij, naar de Poolse socioloog Zygmunt Bauman, op als de situatie waarin het individu autonomie claimt ten opzichte van het collectief. Halleh Ghorashi: ‘Het moment dat het individu dat kan doen, markeert het begin van de moderniteit. Dat individualisme is nu verabsoluteerd. Tegenwoordig ontbreekt in Nederland het verband met het collectief belang vaak.’ Zij vindt dat voor het samenleven van mensen meer verbinding tussen individu en het collectief nodig is. ‘Met ‘leven en laten leven’ vorm je geen gemeenschap. Individuen die hun functie als burgers serieus nemen, moeten hun sociale rol formuleren. Om te werken aan een gezamenlijke toekomst en gemeenschappelijke doelen te formuleren, moeten mensen steeds bespiegelen, over zichzelf én anderen. De vrijheid van het individu is een universele waarde, maar een gemeenschap vorm je pas door verbindingen tussen mensen.’</p>
<p>Wat haar betreft zou links, of de politiek in het algemeen, perspectief moeten bieden op inclusieve gemeenschapsvorming. Daarin mogen culturele waarden en tradities als het progressief vrijzinnig denken in Nederland centraal staan. Ghorashi: ‘Mensen moeten een houvast hebben, niet alles is vloeibaar en in beweging. Als we maar niet doen alsof onze waarden en tradities de enig ware zijn. We moeten ruimte scheppen voor elkaar en dus ook bezig zijn met de vrijheid van anderen. Diversiteit moet je eerst (h)erkennen voordat je ruimte voor anderen kunt maken.’</p>
<p><em>Open minded</em> discussiëren dus. Als het over autonomie gaat, zijn cultuurverschillen niet zo relevant, vindt Halleh Ghorashi. ‘Mensen willen hun ontwikkeling zelf in de hand hebben. Zij moeten in staat zijn hun autonomie op te eisen, uit welke cultuur ze ook afkomstig zijn. Het onderscheid tussen individualistische of collectivistische culturen is wat mij betreft te essentialistisch. Het is ook niet zo dat iedereen uit een meer collectieve cultuur collectivistisch is ingesteld en iedereen uit de Nederlandse cultuur individualistisch. Dat is groepsdenken, denken in categorieën. Hoewel niet altijd en overal even zichtbaar, kent elke cultuur of religie collectieve druk. Belangrijker is dat armere groepen doorgaans niet beschikken over de condities en middelen die nodig zijn voor bijvoorbeeld zelfontplooiing. Dus hebben ze elkaar meer nodig en heerst er een groepscultuur. De vraag die links zou moeten beantwoorden is wat nodig is om het individuen mogelijk te maken zich op eigen wijze te ontwikkelen. Links moet aan die condities werken.’</p>
<p>Mijn vraag is, wat Ghorashi betreft, dus niet goed gesteld. Het verschil tussen individualistisch of collectivistisch doet er minder toe dan, bijvoorbeeld, klassenverschil. Wordt vervolgd.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/weblog/2011/03/18/hoe-diversiteitsproof-is-het-ideaal-van-sociaalindividualisme.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Mannelijk onbehagen</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/11/23/mannelijk-onbehagen.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/11/23/mannelijk-onbehagen.html#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 23 Nov 2009 15:43:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=1081</guid>
		<description><![CDATA[Mannenbladen hebben zich nog niet gemeld voor een interview, wel veel damesbladen. Voor  Dylan van Rijsbergen (type nieuwe man), auteur van Het onbehagen van de man, een teken aan de wand. Van Rijsbergen: ‘Mannen vinden het een gevoelig onderwerp.’ Hij wil met zijn boek juist hen aansporen zich uit het keurslijf van ‘echte’ mannelijkheid, waarin [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Mannenbladen hebben zich nog niet gemeld voor een interview, wel veel damesbladen. Voor  Dylan van Rijsbergen (type nieuwe man), auteur van <em>Het onbehagen van de man,</em> een teken aan de wand.</p>
<p><span id="more-1081"></span><img class="alignnone size-full wp-image-1085" title="Dylan van Rijsbergen" src="http://www.annemiekonstenk.nl/wp-content/uploads/2009/11/Dylan-van-Rijsbergen.jpg" alt="Dylan van Rijsbergen" width="125" height="125" /></p>
<p>Van Rijsbergen: ‘Mannen vinden het een gevoelig onderwerp.’ Hij wil met zijn boek juist hen aansporen zich uit het keurslijf van ‘echte’ mannelijkheid, waarin mannen elkaar gevangen houden, te bevrijden. Nooit zijn er in de maatschappij meer keuzemogelijkheden voor mannen geweest als nu, houdt Dylan van Rijsbergen hen voor. ‘De vrijheid roept. Mannen hoeven elkaar alleen nog maar de ruimte te gunnen daarvan te genieten.’</p>
<p>We zitten met een taakverdeling tussen mannen en vrouwen die niet meer functioneel is, schrijft Van Rijsbergen. Mannen zijn niet per se nodig om vrouwen te beschermen en geld voor het gezin te verdienen, dat doen vrouwen zelf. De huidige samenleving vraagt andere mannen dan 40 jaar geleden. Zij weten echter niet allemaal invulling te geven aan nieuwe vormen van mannelijkheid, waardoor onlustgevoelens kunnen ontstaan. Die kun je overschreeuwen met macho-, cowboy- en gangsta-gedrag of teruggrijpen op beelden van de man als jager, zoals in reclamefilmpjes gebeurt. Of op zoek gaan naar nieuwe mogelijkheden. Dat laatste doet Dylan van Rijsbergen.</p>
<p><em>Waarom nú een boek over mannelijk onbehagen, de feministische golf is toch allang weggeëbd? </em></p>
<p>Dylan van Rijsbergen: ‘Omdat er steeds meer tekenen zijn van mannelijk onbehagen met de veranderde verhoudingen tussen mannen en vrouwen. Er verschijnt het ene na het andere boek met stereotypes over mannelijk gedrag, zoals <em>Wat mannen echt willen</em> van Henk Noort. Een conservatief als Andreas Kinneging (rechtsfilosoof aan de Universiteit van Leiden, <em>red</em>.) komt soms in het nieuws met beweringen over de natuurlijke verschillen tussen de seksen. Die zouden voorschrijven welke bezigheden en eigenschappen een man passen. Mannen zouden niet in staat zijn zich in te leven en voor kleine kinderen te zorgen, etc. Feminisme is Kinneging een vloek. Het zou voor eenzaamheid en verwaarlozing zorgen, zelfs voor zelfvernietiging van het Westen, omdat westerse vrouwen niet hun natuur (als moeder en hoeder, <em>red</em>.) volgen maar zichzelf zo nodig moeten ontplooien, terwijl immigranten veel kinderen krijgen.’</p>
<p>Van Rijsbergen vindt dit niet alleen conservatief en niet meer van deze tijd, maar ook onzin. ‘Daar ga ik graag tegenin, in dit geval met een boek. Een ‘genetische blauwdruk’ bestaat niet. En dat er door de grotere gelijkheid tussen mannen en vrouwen minder kinderen komen, klopt ook niet. In Scandinavische landen, waar meer vrouwen werken en betere voorzieningen zijn om arbeid en zorg te combineren, óók voor mannen, worden meer kinderen geboren dan hier. Nederland zou onder andere de regelingen voor werkende vaders moeten verbeteren.’</p>
<p><em>Deel je iets van het onbehagen dat je beschrijft?</em></p>
<p>‘Nee, mijn onbehagen zit juist bij de stereotypering en de eisen waaraan je als man zou moeten voldoen. Mannelijkheid ís niet natuurlijk, je moet het voortdurend bewijzen. Altijd op je hoede zijn, presteren. Mannen nemen elkaar steeds de maat. Ook een vrouw als Beatrijs Ritsema schrijft over mannen die slachtoffer zouden zijn van het feminisme omdat ze geen vrouwonvriendelijke moppen meer mogen tappen en zowel thuis als op het werk door vrouwen worden gedomineerd.</p>
<p>Ik denk dat mannen slachtoffer zijn van hun eigen krampachtige pogingen te voldoen aan een onhaalbaar ideaal van mannelijkheid, zeg Daniel Craig als James Bond. Treffend vind ik de observatie van de Amerikaanse schrijfster Norah Vincent, die enige tijd <em>undercover </em>als man door het leven ging. Ze had verwacht vrijer te zijn dan als vrouw en macht te hebben. Dat was niet zo. Ze voelde zich voortdurend geëvalueerd door haar omgeving en concludeerde dat ‘mannelijkheid leidt tot een deprimerend bestaan, waarin je voortdurend moet voldoen aan onrealistische verwachtingen’.</p>
<p>Het antwoord van iemand als Tijn van Ewijk (ondernemer, onderzoeker van man/vrouwrelaties, <em>red.</em>; ‘mannelijkheidsgoeroe’ volgens Van Rijsbergen) op het kennelijk door mannen ervaren verlies van mannelijkheid spreekt hem evenmin aan. Van Rijsbergen: ‘Van Ewijk is van de ‘remancipatie’, trekt zich met een groep mannen (soms met zonen) terug in het bos. Ze zitten rond de totem en het vuur op trommels te roffelen om weer bij hun oermannelijke kern te komen. Maar ik vind ook niet dat (mijn) mannelijkheid onder druk staat.’</p>
<p><em>Hoe moet je nog man zijn als je plek als kostwinner niet meer zo vanzelfsprekend is en de baas op je werk misschien wel een vrouw is, stel je als algemene vraag in je boek. En?</em></p>
<p>‘Mannen zouden zichzelf opnieuw moeten uitvinden. Zij zijn gewend hun identiteit volledig aan hun werk te ontlenen. Valt dat weg, en dat is in deze crisistijd niet denkbeeldig, dan stort hun wereld in. Je bent als man ook vriend, vader of vrijwilliger in een club. Je moet je eigen ‘merk’ zijn, niet iets doen omdat dat van je verwacht wordt als man. Ik ben voor keuzevrijheid. Natuurlijk moeten mannen kunnen kiezen voor een traditionele of moderne rol. Als ze zich maar geen keurslijf laten aanmeten, of dat nu een klassieke rolverdeling is of oermannelijk spierballenvertoon omdat anderen dat voorschrijven. Doe wat jíj wilt, sta daarvoor.</p>
<p>Het gaat mij er niet om dat mannen allemaal watjes moeten worden. Niemand heeft behoefte aan huilebalken. Ik ben zelf heel ambitieus, wil graag wat neerzetten in de maatschappij. Dat is vrij masculien, maar ik hoef niet bovenop de apenrots te zitten. Daar word je niet gelukkig van.’</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/11/23/mannelijk-onbehagen.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Lesbische geschiedenis</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/geen-rubriek/2009/06/08/lesbische-geschiedenis.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/geen-rubriek/2009/06/08/lesbische-geschiedenis.html#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 08 Jun 2009 11:19:11 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Geen rubriek]]></category>
		<category><![CDATA[lesbische geschiedenis]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=922</guid>
		<description><![CDATA[Pink &#8211; 2009 Hoewel er summiere aanwijzingen zijn gevonden dat de term ‘lesbisch&#8217; (van Lesbos) eeuwen geleden al werd gebruikt om de vrouwenliefde te beschrijven, moet ik toch streng zeggen dat ‘de&#8217; lesbische geschiedenis eigenlijk niet bestaat. Je kunt niet zonder meer één lesbisch geheel maken van Sappho tot nu, zonder de geschiedenis geweld aan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Pink &#8211; 2009</h3>
<p>Hoewel er summiere aanwijzingen zijn gevonden dat de term ‘lesbisch&#8217; (van Lesbos) eeuwen geleden al werd gebruikt om de vrouwenliefde te beschrijven, moet ik toch streng zeggen dat ‘de&#8217; lesbische geschiedenis eigenlijk niet bestaat. Je kunt niet zonder meer één lesbisch geheel maken van Sappho tot nu, zonder de geschiedenis geweld aan te doen. Wel kunnen we vrouwen die zich lang geleden of de afgelopen generaties amoureus tot elkaar verhielden of het met elkaar deden een continuüm intrekken van vrouwen die van vrouwen hielden. Gebruikelijk is de geschiedenis in periodes in te delen en omdat we van bronnen afhankelijk zijn, beschrijven we de historie aan de hand van literaire uitingen, wetsteksten, wetenschappelijke verhandelingen en interviews. Elke periode heeft zijn eigen woorden, van wrijfwijf, tribadie en lollepotterij, via ziels- of romantische vrouwenvriendschappen, Boston huwelijken, geïnverteerden, homofiel, lesbienne en pot tot de hedendaagse lesbo. Of vrouwen het in al die periodes met elkaar gedaan hebben, is de vraag. Aannemelijker is dat dat afhing van de omstandigheden waaronder men leefde. Eind 18e eeuw bestond in de Amsterdamse Jordaan een heuse lollepottencultuur, zo lezen we in de juist verschenen Lesbo Encyclopedie. In de jaren 20 van de vorige eeuw zijn er vrolijke damestaferelen in clubs opgetekend, terwijl een vrouw in de jaren vijftig daarná geschokt reageerde op de vraag of ze lesbisch is. Ze vertelt zich seksueel haar hele leven te hebben onthouden.  De geschiedenis loopt niet in één rechte lijn.<br />
Annemarie Grewel, lesbisch icoon en voorvrouw, liet in de jaren 80 en 90 in aantal interviews weten al in de jaren 60 lesbisch te zijn geweest. Ik deed onderzoek voor mijn biografisch portret van haar, waaruit bleek dat haar coming out tien jaar later was. Het was voor haar net zo moeilijk als voor de meeste andere vrouwen voor haar lesbisch zijn uit te komen of zich dat zelfs maar te realiseren. Met alle respect &#8211; het is geen kritiek &#8211; maar Grewels herschrijven van haar persoonlijke geschiedenis, leidt eerder tot geschiedvervalsing dan tot lesbische geschiedschrijving.<br />
Voor het gemak hanteren we de term ‘lesbisch&#8217; echter maar gewoon. Verhalen over lesbische geschiedenis laten zich op verschillende manieren vertellen. Neem je door de eeuwen heen de wetgeving m.b.t. homoseksualiteit als vertrekpunt, dan krijg je een overzicht van periodes zonder (19de eeuw) en mét discriminerende wetten en bepalingen, zoals een groot deel van de afgelopen 20ste eeuw. In de huidige tijd hebben we antidiscriminatie beleid en wetten gelijke behandeling. Kijk je vanuit wetenschap, religie, politiek en ideologie dan zie je opvallende academische bemoeienissen met homoseksuele mannen en vrouwen; veroordeling, verdoemenis of tolerantie vanuit verschillende geloven; en onderdrukking, achterstelling en emancipatie als veranderende heersende opvattingen en politiek. Kijken we ten slotte vanuit vrouwen zelf, dan wisselen de afgelopen honderd jaar onzichtbaarheid, beklagenswaardige eenzaamheid, zelfverloochening, verschillende leefstijlen en uitdrukkingsvormen, bevrijding en trots pottendom elkaar af. De geschiedenis van lesbische vrouwen loopt deels parallel aan die van homomannen, deels aan die van andere vrouwen. Art. 248 bis (1911-71) verbood homoseksueel contact met minderjarigen (tot 21) voor mannen én vrouwen, maar omdat lesbische vrouwen niet werden ‘verdacht&#8217; van seksuele handelingen, konden zij iets meer hun gang gaan. Hoewel ook zij het risico liepen hun baan of woning te verliezen als hun liefde bekend werd. Juridische vervolging trof meer mannen dan vrouwen. Sociaaleconomisch ging en gaat het homomannen doorgaans weer beter dan lesbische vrouwen. In dat opzicht zijn er meer overeenkomsten met (hetero)vrouwen.<br />
Lesbische geschiedenis verhaalt over de wijzen waarop deze ontwikkelingen en zaken allemaal in elkaar grijpen. En dan nog is de werkelijkheid diverser dan dat. Verschillende auteurs hebben daar boeken over geschreven, waaronder Judith Schuyf, Anja van Kooten Niekerk en ikzelf.<br />
Om ons tot de laatste honderd jaar te beperken is er een duidelijke wisselwerking tussen medisch-wetenschappelijke benaderingen, politiek en wetgeving, literaire verbeelding van het lesbische leven en het zelfbeeld van lesbische vrouwen.<br />
Eind negentiende eeuw ontstonden in Europa seksuologische theorieën over zgn. geïnverteerden en later over het ‘derde geslacht&#8217;, o.a. van Magnus Hirschfeld. De centrale vraag was lange tijd wat de oorzaak van homoseksualiteit was en men vond, behalve seksuele voorkeur, lichamelijke en/of psychische ‘afwijkingen&#8217;, die wetenschappers voor aangeboren hielden. In Duitsland waren homocontacten tussen mannen strafbaar. Toen het de Nederlandse christelijke partijen in 1911 lukte homoseksueel contact met minderjarigen tot 21 strafbaar te stellen, ontstond ook hier naar Duits voorbeeld een Wetenschappelijk Humanitair Komité, dat zich voor verlossende woorden over mogelijke oorzaken voor homoseksualiteit oriënteerde op de wetenschap. Belangrijker voor ons is dat mensen zich ook voegden naar die theorie.  In mijn boekje over veranderende beeldvorming over lesbische vrouwen, Van brede schouders tot hoge hakken (1983), citeer ik een vrouw die in het boek De Homosexueelen (1939) van de advocaat Benno Stokvis over zichzelf zegt:</p>
<p><em>‘De ‘zoon&#8217; die mijn moeder zich gewenscht had, stond opnieuw in mij op, een breedgeschouderd, onstuimig wezen, dat zijn EIGEN weg wenschte te gaan, dat schroeide van verlangen &#8211; naar &#8211; een VROUW.&#8217;</em></p>
<p>Zij is een van de negen vrouwen die Stokvis in zijn boek portretteerde. Een vrouw zou als man van een andere vrouw houden. Andere vrouwen spreken van ‘abnormaliteit, speling der natuur&#8217;. Allemaal zien zij als oorzaak dat zij als kind het liefst een jongen waren geweest of zich een jongen voelden. Ook in de boeken Bron van eenzaamheid (Engelse versie1928) en het Nederlandse Vae Solis  is het lijden geblazen. Vae Solis is geschreven op verzoek van de voorman van het NWHK (voorloper COC, zeg maar de homobeweging van toen): advocaat jonkheer Jacob Schorer. Het moest begrip (je kunt beter zeggen medeleven) bewerkstelligen. Je kunt goed zien hoe de dominante wetenschappelijke benadering, doel van het komité en de ervaringen van een overigens biseksuele vrouw bij elkaar komen: mannelijke vrouwen en verwijfde mannen, het derde geslacht, de kennis van de hoofdpersoon over wetenschappers als Magnus Hirschfeld en het lijden, de eenzaamheid en het verdoemd zijn. Terwijl de getrouwde Doudart de la Grée er volgens de overlevering een heel vrolijk lesbisch leven op nahield. Haar boek ontneemt meer zicht op ‘onze&#8217; lesbische geschiedenis dan dat het helderheid/inzicht biedt.<br />
Wetenschappers kregen ook na de oorlog een sleutelrol bij de typisch Hollandse aanvaarding van homoseksualiteit. De medici, psychologen en biologen kregen toen o.m. gezelschap van theologisch geschoolden.<br />
Hoewel duidelijk is dat die oriëntatie op de wetenschap de acceptatie van homoseksualiteit moest dienen, hebben de academische onderzoekingen natuurlijk wel een relatie met de werkelijkheid. Het is te simpel om, wat feministische theoretici in de jaren zeventig en tachtig wel deden, te zeggen dat lesbische vrouwen louter leefden naar de heersende theorie over hen en dat vrouwen (wij) pas met de tweede feministische golf en Paarse September e.d. het heft in eigen hand hebben genomen wat hun identiteit betreft. Theorie en het ‘echte leven&#8217; staan niet per se diametraal tegenover elkaar<br />
Als je de interviews leest die Judith Schuyf of Van Kooten Niekerk hielden met lesbische vrouwen die in de eerste twintig jaar van de vorige eeuw zijn geboren, zie je verschillen. Dominant is dat vrouwen die van vrouwen hielden vóór ongeveer 1970 meestal zwegen over hun seksuele voorkeur. Hun gevoelens en/of lesbische praktijken hielden ze geheim, soms zelfs voor zichzelf. Er zijn vrouwen die vertellen tientallen jaren te hebben samengewoond zonder een seksuele relatie te hebben gehad of verlangd (zéggen ze). Andere lesbische vrouwen waren getrouwd en hadden kinderen. Er waren maar enkele zichtbare rolmodellen, zoals Marlène Dietrich, Anna Blaman. Toch bestond er ook in de jaren 40, 50 en 60 een lesbische subcultuur, leefstijlen als butch/femme e.d. Terwijl Annemarie Grewel nog worstelde met haar gevoelens, reed Bet van Beeren, lesbisch kroegbazin op de Amsterdamse Zeedijk, pronkend met haar veroveringen op haar motor door dezelfde stad. Zij maakte in de jaren 60 geen geheim van haar geaardheid; ze stierf in 1967.<br />
In twintig jaar naoorlogse jaargangen van COC-blad Levensrecht zie je het beeld van de eenzaamheid, de afwijking, het mannelijke anders zijn kantelen. Halverwege de jaren 60 wordt de homoseksuele vrouw beschreven als ‘heel gewoon vrouw en vrouwelijk&#8217;, net als andere vrouwen. Wederom moest deze gedaanteverandering de acceptatie, het begrip en de emancipatie dienen waar het COC, maar ook christenen en wetenschappers, zich voor inzetten. Het motto daarvan was dat homseksualiteit ‘gewoon hetzelfde was&#8217;. De mannelijke pot werd naar het rijk der mythen verwezen.<br />
De echte doorbraak volgt in de jaren 70. Eind jaren 60 is een eerste grote protestdemonstratie tegen art. 248bis, dat in 1971 wordt afgeschaft.<br />
De homo- en vrouwenbeweging, geplaatst in het decor van brede maatschappelijke veranderingen, zorgden voor revolutionaire verbeteringen en persoonlijke bevrijding van velen. Stigma&#8217;s werden geuzennamen, het persoonlijke politiek en lesbisch leek zelfs enige tijd de norm. Naast vrouwen als Annemarie Grewel, die moedig paden baande in politiek en pers, hield je echter vrouwen als Ien Dales die niet uitkwamen voor haar lesbisch zijn. Veel lesbische vrouwen zijn nu in staat hun  identiteit zelf vorm te geven, een leefstijl te kiezen, ja zelfs kinderen te krijgen en met elkaar te trouwen. Wij kunnen ons als lesbo veilig wanen en zijn in principe wettelijk beschermd tegen discriminatie en geweld. Maar nog lang niet alle lesbische vrouwen zijn vrij of willen zichtbaar lesbisch zijn.<br />
De geschiedenis is nog niet met ons klaar! De waarheid over lesbische vrouwen betrap je soms op onverwachte momenten en manieren, niet door recht op de vrouw af te gaan.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/geen-rubriek/2009/06/08/lesbische-geschiedenis.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het rijke roze leven</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/politiek/2009/04/02/het-rijke-roze-leven.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/politiek/2009/04/02/het-rijke-roze-leven.html#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 02 Apr 2009 14:58:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Politiek]]></category>
		<category><![CDATA[lesbo-encyclopedie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=859</guid>
		<description><![CDATA[Lover &#8211; 2009 Dertig jaar na verschijning van het Lesbisch Prachtboek is er nu dan de Lesbo-encyclopedie. Anders van opzet, maar met vrijwel hetzelfde doel: schrijven over het lesbische bestaan geeft uitdrukking aan dat bestaan, bevestigt, viert en schept het, maakt het zichtbaar. Zwart op wit op roze. De prachtig uitgegeven en rijk geïllustreerde encyclopedie [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h3>Lover &#8211; 2009</h3>
<p>Dertig jaar na verschijning van het Lesbisch Prachtboek is er nu dan de Lesbo-encyclopedie. Anders van opzet, maar met vrijwel hetzelfde doel: schrijven over het lesbische bestaan geeft uitdrukking aan dat bestaan, bevestigt, viert en schept het, maakt het zichtbaar. Zwart op wit op roze. De prachtig uitgegeven en rijk geïllustreerde encyclopedie dient niet alleen als naslagwerk, voor wie maar geïnteresseerd is in lesbische feiten en verhalen. Het moet ook herkenning bieden voor de doelgroep zelf en lesbische vrouwen een hart onder de riem steken. Zij worden zelfs opgeroepen hun geaardheid actief uit te dragen om de lesbische zichtbaarheid te vergroten en paden te banen voor de lesbo&#8217;s die er (nog) niet voor kunnen, willen of durven uitkomen. Wat dat betreft is de Lesbo-encyclopedie ook een statement.<br />
Niet voor niets is de heldinnengalerij helemaal in het begin van het boek te vinden. Tientallen ‘lesbiconen&#8217; prijken er, vooral sportvrouwen, schrijfsters, radicaal-feministische voorvrouwen, tv-sterren en enkele politici. Rolmodellen in verschillende soorten en maten, voor elk wat wils. De redactie maakt apart melding van de hoge lesbische score van de NOS. In 2008 stonden vier NOS-medewerksters bekend als gevoelsgenoten, dat is niet verkeerd. De encyclopedie heeft alleen betrekking op Nederland, maar onder de iconen bevinden zich ook buitenlandse pronkstukken. ‘Zij spreken tot de verbeelding en mogen niet ontbreken,&#8217; zegt Linda Huijsmans, die samen met Mirjam Hemker de redactie vormde. Menig lesbeau zag immers het levenslicht door de muziek van Joan Armatrading of k.d. lang en verdreef de eenzaamheid met boeken van Sarah Waters.</p>
<p>Hiaten vullen<br />
In de verantwoording schrijven de samenstellers dat zij geen wetenschappelijke pretentie met het boek hebben. Toegankelijkheid en het bijeenbrengen van zoveel mogelijk wetenswaardigheden vinden zij belangrijker. Daar zijn zij, samen met de honderd vrouwen en een enkele man die informatie aandroegen en teksten schreven, goed in geslaagd. Deze lesbipedia bevat een imposante verzameling lemma&#8217;s met namen, weetjes en verklaringen. De encyclopedie vult hiaten in kennis. Zo vermeldt zij bijvoorbeeld dat één op de vijf lesbische vrouwen die nooit met een man hebben gevreeën, besmet is het HPV-virus, dat baarmoederhalskanker kan veroorzaken. Een gegeven dat we in de ‘gewone&#8217; media niet tegenkomen. Lesbische vrouwen denken dus ten onrechte veilig te zijn wat dit betreft en doen niet allemaal mee aan de screening op baarmoederhalskanker. Een andere, specifieke kwaal is minderheidsstress, waar lesbische vrouwen (en homomannen) meer last van hebben dan andere gestigmatiseerde groepen. Ook zijn zij vaker depressief dan heterovrouwen en hebben meer alcoholproblemen.<br />
De informatie is ingedeeld in voor de hand liggende thematische hoofdstukken als geschiedenis, politiek, sport, cultuur &amp; lifestyle, wetenschap, gezondheid en seks. Aan de lemma&#8217;s gaat een korte, inleidende tekst vooraf. Er is veel aandacht voor verschillende schone kunsten en, anders dan bij de oudere broer, de Homo-encyclopedie van Nederland (2005), voor vrouwen in het hele land. Al ontkomt ook de damesversie niet helemaal aan een Amsterdam-centristische blikvernauwing. In het hoofdstuk Stad &amp; land wordt ‘land&#8217; gedefinieerd als ‘alles buiten Amsterdam&#8217;. Dat ook andere steden meetellen als ‘stad&#8217; bewijst het overzicht van historische gebeurtenissen en subculturele initiatieven in bijvoorbeeld Groningen, Nijmegen en Utrecht, met roemruchte namen als Dikke Trui en de Feeks. De eerste Heksennacht vond plaats in Nijmegen, het eerste vrouwencafé en de eerste vrouwenboekhandel in Nederland (de Heksenketel en Heksenkelder) waren in Utrecht.</p>
<p>Zichtbaarheid<br />
Het historische deel is hier en daar krakkemikkig. We lezen dat er nauwelijks persoonlijke bronnen zijn van vóór de jaren zeventig, maar ook dat voor het lesbische ‘proletariaat&#8217; begin twintigste eeuw de ‘seksualiteitsbeleving&#8217; voorop stond. Dat moet dan uit de bron van eenzaamheid afkomstig zijn?!<br />
De keuze informatie onder te brengen in een inleidende tekst of een lemma is soms onnavolgbaar. Hoewel het register waarschijnlijk uitputtend is, en alles uiteindelijk vindbaar, verwacht je als lezer niet dat ‘bronnen&#8217; een lemma is. Het lemma ‘vrouwen verraden&#8217; bevat belangwekkende informatie over lesbofobe aspecten in de Nederlandse geschiedenis, die best in de inleidende tekst had gemogen. Evelien Eshuis, het eerste openlijk lesbische Tweede Kamerlid, zit verstopt in het lemma ‘out in de politiek&#8217;, maar voormalig burgemeester en minister Ien Dales in het hoofdstuk over levensbeschouwing. Dat komt de lesbische zichtbaarheid niet ten goede, hoewel Dales dat in haar geval misschien niet erg had gevonden.<br />
Terwijl het de makers toch vooral om zichtbaarheid is begonnen. Mirjam Hemker erkent dat lesbische vrouwen verdeeld zijn over de kwestie zichtbaarheid. ‘Het is een voortdurende struggle. Je hebt twee kampen: lesbische vrouwen die voor integratie zijn en opgaan in de grote groep en vrouwen die zeggen: wij zijn helemaal niet hetzelfde, maar heel anders en wij zijn daar trots op. Daar hoor ik bij. Ik wil me profileren als anders, zichtbaar zijn.&#8217;<br />
Dat is met de lesbo-encyclopedie in ieder geval meer dan gelukt. Neuzen in dit naslagwerk is genieten van kennis, kunde en cultuur die lesbische vrouwen hebben voortgebracht en van de creativiteit en humor uit het lesbische heden en verleden: ‘Nee, ik sla níet,&#8217; zegt de sadist van het sm-stel. Maar ook met ongeloof kennis nemen van zaken die aan eigen beleving of herinnering zijn ontsnapt. Zoals het feit dat het COC pas in 1973 Koninklijk werd goedgekeurd en het pantalonverbod voor vrouwen, dat in enkele steden officieel tot in de jaren tachtig van de twintigste eeuw van kracht was.</p>
<p>Zichtbaar of niet: we bestonden en bestaan, want we hebben een eigen canon. Zoveel staat vast.</p>
<p><em>Lesbo-encyclopedie</em>, onder redactie van Mirjam Hemker en Linda Huijsmans, AMBO/Amsterdam, 2009 ISBN 9789026321122, € 34,95</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/publicaties/politiek/2009/04/02/het-rijke-roze-leven.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Leg migranten niet in de watten</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/03/30/leg-migranten-niet-in-de-watten.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/03/30/leg-migranten-niet-in-de-watten.html#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 30 Mar 2009 06:49:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Meedoen met een beperking]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>
		<category><![CDATA[Ahmed El Mesri]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=856</guid>
		<description><![CDATA[ In 2007 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Ahmed El Mesri (52), al 25 jaar in een rolstoel, richtte vele organisaties op, helpt gehandicapte migranten en brengt groepen dichter bij elkaar. Contrast &#8211; 2009 Hij kan schor bulderen als een imam, maar roept op tot verdraagzaamheid. Hij zoekt het gesprek, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p> In 2007 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Ahmed El Mesri (52), al 25 jaar in een rolstoel, richtte vele organisaties op, helpt gehandicapte migranten en brengt groepen dichter bij elkaar. <span id="more-856"></span></p>
<h3>Contrast &#8211; 2009</h3>
<p>Hij kan schor bulderen als een imam, maar roept op tot verdraagzaamheid. Hij zoekt het gesprek, maar schuwt de confrontatie over omstreden onderwerpen als homoseksualiteit, eerwraak en handicap niet. ‘Ik houd van taboes&#8217;. Hij richtte vele organisaties op, helpt mensen waar hij kan en organiseert bijeenkomsten om uiteenlopende groepen dichter bij elkaar te brengen. In 2007 werd hij door de koningin benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Ahmed El Mesri (1957) woont ruim 30 jaar in Nederland en kan sinds hij 25 jaar geleden een auto-ongeluk kreeg niet meer lopen. De handicap zette letterlijk een streep door zijn loopbaan, maar maakte hem tot man met een missie. ‘Liefde voor de medemens gaat voor de familie-eer,&#8217; zegt hij bijvoorbeeld. Een gesprek met een opmerkelijk figuur. <a rel="attachment wp-att-1078" href="http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/03/30/leg-migranten-niet-in-de-watten.html/attachment/ahmed-el-mesri"><img class="alignright size-medium wp-image-1078" title="Ahmed el Mesri" src="http://www.annemiekonstenk.nl/wp-content/uploads/2009/03/Ahmed-el-Mesri-300x225.jpg" alt="Ahmed el Mesri" width="300" height="225" /></a></p>
<p>We bezoeken hem op één van de plekken waar hij kantoor houdt: het Amsterdamse Patiënten en Consumenten Platform (APCP). Hij ontvangt en adviseert individuele migranten met een handicap en denkt met de patiëntenorganisatie mee over beleid ter verbetering van hun lot. Dat is het juiste woord, ‘lot&#8217;; ‘positie&#8217; zou nog te rooskleurig klinken. Ahmed El Mesri sprak voorafgaand aan ons onderhoud bijvoorbeeld met een jonge blinde vrouw die zichzelf tien jaar heeft afgezonderd vanwege haar handicap. El Mesri oogt zelf ook kwetsbaar, maar die indruk verdwijnt snel. Zijn benen mogen dan niet doen waar ze voor bedoeld zijn, aan zijn spraakvermogen mankeert niets. ‘In Marokko praat je niet over handicaps, dat is taboe. Mijn familie daar had zeker voor me gezorgd, maar ik had me nauwelijks verder kunnen ontwikkelen. Mijn handicap heeft me in Nederland gehouden. Veel migranten hier behandelen hun familieleden met een beperking niet goed. Ze worden verborgen gehouden, soms zelfs geslagen. Ook roddelen ze over hen of families nemen hun geld af in ruil voor verzorging.&#8217;</p>
<p>Vanuit het APCP en de door El Mesri opgerichte belangenvereniging Onze Hoop komt hij op voor migranten met een handicap of chronische ziekte en hun familie. ‘Je kunt nooit iemand helpen zonder familie. Omdat ikzelf migrant én gehandicapt ben, kan ik de kloof overbruggen. Families komen me iets vragen of voorleggen; ze hebben een gehandicapte zoon, dochter, vrouw of man en geen zorg. Ik vraag hen dat familielid mee te nemen en nodig hen vervolgens uit naar bijeenkomsten te komen, uit hun isolement. Ik heb zeer schrijnende gevallen gezien. Bijvoorbeeld een echtpaar dat al tientallen jaren in Nederland woont en waarvan de man na een herseninfarct twee jaar gehandicapt thuis zat opgesloten. Uit schaamte en om te voorkomen dat zijn omgeving slecht over hem praat. Terwijl zijn vrouw nota bene schoonmaakster is in een ziekenhuis!&#8217;</p>
<p>Zelf heeft Ahmed El Mesri na zijn ongeluk op een afgelegen plaats moeten revalideren. Een moeilijke en eenzame periode. ‘Mijn vrienden vonden me een lastpost. Gastarbeiders kwamen om te werken, niet om gehandicapt te zijn. Ik ontwikkelde een extra zintuig voor afwijzing. Toen ik terugkwam in Amsterdam, hield ik de eerste week de gordijnen dicht. Je moet wilskracht hebben om verder te gaan, proberen je weg te vinden. Achteraf gezien was het een tijd van bezinning, ik ben door die handicap herboren.&#8217; Hij is nu een hardwerkende man met vele bezigheden, waaronder die van tolk/vertaler en van voorzitter van clubs als vriendschapsvereniging Assadaaka. ‘Ik probeer mijn grenzen te verleggen en wil mijn lotgenoten laten zien dat je ook met een handicap veel kunt betekenen. Bij mij heeft het lang geduurd voordat ik zover was, ik had geen mensen om me heen. Dat gun je niemand. Daarom wil ik voor anderen een steunende rol vervullen, om hen sterker te maken.&#8217;</p>
<p>Zamel? Nou en!<br />
Een leven in afhankelijkheid was ook niets voor hem geweest. El Mesri had al vroeg een sterke vrijheidsdrang. Als zestienjarige jongen, zoon in een stedelijk middenklassegezin met zeven kinderen, verliet hij het Marokkaanse Tetouan om iets van de wereld te zien. Hij maakte er kennis met de Westerse cultuur. ‘Mijn vader dreef handel in de Spaanse enclave Ceuta. Ik ging vaak met hem mee en zag daar van alles op de televisie.&#8217; Zijn ouders waren open en liberaal. ‘Mijn moeder was vroedvrouw én begeleidde mensen bij het sterven. Ook mijn vader hielp mensen. Hij was tevens imam, maar deed daar niets mee. In mijn omgeving droegen vrouwen geen sluiers en ze gaven mannen gewoon een hand. Mijn ouders waren gelovig als doorsnee moslims.&#8217;<br />
Ahmed El Mesri moet iets van die sociale en liberale inslag en dat prekerige hebben geërfd. Hij zet zich dagelijks in voor anderen en houdt er een uitgesproken individualistische en liberale mening op na. El Mesri laat zich niet zeggen hoe hij moet leven en ontzegt ook anderen die vrijheid niet. Vrouwen niet, homo&#8217;s niet, niemand. ‘Als mensen zeggen dat homoseksuelen (zamel in het Arabisch) slecht zijn, zeg ik: &#8220;Wat heb jij daarmee te maken, heb respect en laat hen in hun waarde. Het zijn mensen, het zijn ook moslims.&#8221; &#8220;Leer jezelf kennen,&#8221; denk ik dan. Vaak hebben degenen die hard schreeuwen zelf homo-erotische gevoelens.&#8217;<br />
Volgens hem wemelt het in de geschiedenis van mannen met homoseksuele contacten.</p>
<p>Ahmed El Mesri vindt dat kinderen in de opvoeding moeten meekrijgen dat homoseksualiteit gewoon is en slechts één aspect van iemands persoonlijkheid. Om kennis te maken met ‘die andere wereld&#8217; bezocht hij met zijn eigen, volwassen zoon eens een gay bar op het Amsterdamse Rembrandtsplein.<br />
Zijn standpunten worden hem niet altijd in dank afgenomen. El Mesri wordt af en toe bedreigd. Maar een bedreiging doet hem niks, hij is niet bang. Het leven met een handicap heeft hem hard gemaakt, zegt hij. Regelmatig ook hoort hij: ‘Ahmed is homo&#8217;. ‘Al zou het zo zijn, toch zeg ik: &#8220;Nou en?&#8221; Maak je over mij geen zorgen, ik maak me zorgen over júllie. Ik zie bestuurders van andere migrantenorganisaties soms opkomen voor participatie maar afstand nemen van homoseksuelen. Ze krijgen gemeenschapsgeld en moeten naar mijn mening de vrijheden van anderen respecteren. Wij leven in een multicultureel land. Ik ben niet tegen hen, maar vind wel dat ze hier en daar kennis- en informatieachterstand hebben.&#8217; De veroordeling van homoseksualiteit komt naar zijn mening voort uit onwetendheid. Zijn missie is anderen voor te lichten en bewust te maken.<br />
Soms moet je volgens hem provoceren moet om zaken bespreekbaar te maken. Zo organiseerde El Mesri in Amsterdam Oost verschillende debatten over homoseksualiteit, waar honderden mensen op af kwamen. Eén van die bijeenkomsten was tot verontwaardiging van een aantal moslims tijdens de ramadan.</p>
<p>Hangmannen<br />
Zet Ahmed El Mesri middenin een bont gezelschap van allochtone en autochtone buurtgenoten, mannen en vrouwen met verschillende religies en culturen en hij is in zijn element. Hij wil méngen, categoraal werken is hem een gruwel. ‘Apart zitten als migranten bevordert de participatie niet, het belemmert die eerder. Je moet migranten ook niet in de watten leggen. We moeten niet denken dat we meer rechten hebben dan anderen.&#8217; Deze mening brengt hem geregeld in conflict met het establishment van het gesubsidieerde migrantenwerk. Symbolisch is het verschil van mening dat hij in het Amsterdamse stadsdeel Zeeburg had over schotelantennes. ‘Schotels verhinderen goed nabuurschap, ze kweken vreemdelingenhaat. Vanuit Assadaaka vond ik dat de schotels weg mochten, op voorwaarde dat er een alternatieve oplossing kwam, zoals een gemeenschappelijke antenne op het dak. Mensen denken dan dat ik tegen ze ben. Migrantenorganisaties gingen zelfs handtekeningen tegen me verzamelen. Maar we deden onderzoek in de buurt en veel migranten bleken dat alternatief op het dak zelf te willen.&#8217;<br />
Ik vind dat de manier waarop medewerkers van welzijnsorganisaties soms werken mensen op hun plek houdt in plaats van vooruit helpt. Assadaaka geeft bijvoorbeeld computerlessen om vrouwen uit hun isolement te halen. De welzijnsinstelling heeft mannen de ruimte naast hen gegeven. Die mannen blijken er vooral te zijn om de vrouwen te bekritiseren (‘alle vrouwen die meedoen zijn hoeren&#8217;), maar worden niet verwijderd. De vrouwen komen dan niet meer. De hangmannen vormen tegenkrachten en belemmeren de emancipatie van vrouwen. Zelfs bekende bestuurders van migrantenorganisaties maken zich daaraan schuldig.&#8217; Zij vormen volgens El Mesri echter een kleine groep. ‘De doelgroep van vrouwen staat wel open voor veranderingen.&#8217;<br />
Hij is niet overal een graag geziene gast. Wat dat betreft deed het lintje van de koningin, dat hem door burgemeester Job Cohen werd opgespeld, hem goed. Het was een blijk van erkenning. Ook geniet hij vertrouwen van de mensen die hij bijstaat en de vele organisaties waar hij mee samenwerkt. Maar geliefd of niet, El Mesri blijft strijdlustig. ‘Ik kan niet vechten of wegrennen, maar ze krijgen me niet klein. Mensen mogen me uitschelden, ik kan tegen een stootje. Als ze me iets zouden aandoen, zijn ze laf. Met mij kun je alleen praten.&#8217;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2009/03/30/leg-migranten-niet-in-de-watten.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Eindejaarsoffensief inburgering Amsterdam</title>
		<link>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2008/12/15/eindejaarsoffensief-inburgering-amsterdam.html</link>
		<comments>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2008/12/15/eindejaarsoffensief-inburgering-amsterdam.html#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 15 Dec 2008 11:12:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Annemiek</dc:creator>
				<category><![CDATA[Diversiteit]]></category>
		<category><![CDATA[Lokaal sociaal beleid]]></category>
		<category><![CDATA[Recente artikelen]]></category>
		<category><![CDATA[Inburgering]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.annemiekonstenk.nl/?p=791</guid>
		<description><![CDATA[Amsterdam wil op de valreep van 2008 enkele duizenden inburgeraars in cursussen plaatsen. ‘Een paniekactie,&#8217; zegt een van de taalaanbieders. De gemeente wil met dit eindejaarsoffensief voorkomen dat de overheid haar gaat korten op de rijksbijdrage voor inburgering en dat aanbieders van taallessen claims indienen wegens het uitblijven van cursisten. Veel van de oorspronkelijk 38 taal- en cursusaanbieders in [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Amsterdam wil op de valreep van 2008 enkele duizenden inburgeraars in cursussen plaatsen. ‘Een paniekactie,&#8217; zegt een van de taalaanbieders. <span id="more-791"></span>De gemeente wil met dit eindejaarsoffensief voorkomen dat de overheid haar gaat korten op de rijksbijdrage voor inburgering en dat aanbieders van taallessen claims indienen wegens het uitblijven van cursisten.</p>
<p>Veel van de oorspronkelijk 38 taal- en cursusaanbieders in de hoofdstad kampen met lege schoolbankjes en omzetverlies; een enkeling is al failliet gegaan. Van de beoogde 15000 cursisten per jaar, waren er in Amsterdam in november nog geen 5000 begonnen. Totaal onverwacht organiseert de Dienst Werk en Inkomen (DWI) de laatste weken van het jaar op verschillende locaties in de stad beurzen om vraag en aanbod van inburgering samen te brengen. Aanbieders kregen op 5 december een uitnodiging om daar drie dagen later aanwezig te zijn. Ook de klanten ontvingen pas eind vorige week een oproep zich te komen inschrijven bij een cursusbureau. ‘Wij hebben 2500 mensen uitgenodigd die al een tijd op inburgering zitten te wachten. Een beetje laat ja, maar kom op, laten we onze schouders eronder zetten,&#8217; zegt Carmen Westra, woordvoerder van DWI Amsterdam.<br />
Bij DWI vestiging Nieuw West hebben vijftien aanbieders zich gemeld, ondanks de korte termijn. Zij zitten met een of meerdere mensen in een in kerstsfeer ingericht zaaltje te wachten op cursisten, de meeste tevergeefs. Slechts af en toe druppelt er een cursist binnen, begeleid door een klantmanager van DWI, die de match met een van de aanbieders heeft voorbereid. ‘Wij zitten hier nu drie dagen en hebben zes cursisten gekregen,&#8217; zegt Hasibe Karaarslan van Helpdesk, een van de commerciële aanbieders. ‘De timing is ongelukkig, mede omdat het deze week Offerfeest was.&#8217;<br />
Alleen bij de tafel van het ROC Amsterdam is het redelijk druk. Vóórdat de inburgering werd aanbesteed, kwamen vrijwel alle inburgeraars terecht bij deze grote onderwijsinstelling. Rik Sinkeldam van BOTC, een aanbieder van cursussen op verschillende niveaus, heeft gezien dat er een kattebelletje naar de klantmanagers is gegaan dat ‘alle analfabeten naar ROC Amsterdam moesten&#8217;. Van eerlijke concurrentie is volgens hem geen sprake.<br />
Dat het haastwerk is, blijkt uit het feit dat tientallen kandidaten zijn opgeroepen die bij aankomst al een cursus bleken te volgen. Sinkeldam: ‘Dinsdag kwamen zeventig van de honderd opgeroepen inburgeraars opdagen. Van hen bleken er veertig al geplaatst te zijn bij een cursus of te zijn begonnen. Bij mij zijn deze week zeven mensen langs geweest, waarvan drie nieuwe cursisten. De anderen zaten al bij ons.&#8217; Een van de redenen is dat DWI nog geen toegang heeft tot het cliëntvolgsysteem van de Dienst Maatschappelijke Ondersteuning, waar de inburgering in Amsterdam onder valt. De ICT-problemen, die al langer bekend zijn, hebben het stadsbestuur en de uitvoerende diensten er niet van weerhouden deze eindspurt in te zetten. ‘Als je ‘versnelt&#8217; gebeuren dit soort dingen,&#8217; aldus Westra van DWI Amsterdam gelaten.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.annemiekonstenk.nl/recente-artikelen/2008/12/15/eindejaarsoffensief-inburgering-amsterdam.html/feed</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

